Er zijn twee soorten mensen die leiding willen geven in de kerk. De ene wil het graag. De andere is er eigenlijk bang voor. In de oude kerk gold die tweede vaak als de meest geschikte.
Ik las vijf klassiekers over geestelijk leiderschap, uit verschillende eeuwen en tradities. Wat me opviel: ze beginnen geen van allen bij techniek. Ze beginnen bij het hart van de leider.
1. Johannes Chrysostomus: Over het priesterschap
Johannes Chrysostomus ("Gouden Mond") werd later aartsbisschop van Constantinopel. Als jonge man schreef hij een dialoog in zes boeken met zijn vriend Basilius [1]. Chrysostomus liet zijn vriend geloven dat ook hij zich zou laten wijden, maar dook zelf onder. In het boek legt hij uit waarom hij het ambt vreesde [1].
Hij begint bij Johannes 21. Jezus vraagt Petrus: hebt gij Mij lief? En daarna: weid Mijn lammeren, hoed Mijn schapen. Zorg voor de kudde is dus een teken van liefde voor Christus [1].
Een veehoeder kan zijn dieren vastbinden. Een herder van mensen niet. Mensen moeten zelf instemmen. Daarom moet een zondaar beter worden "not by force, but by persuasion", niet door dwang maar door overtuiging [1]. De herder heeft als het ware ontelbare ogen nodig om te zien hoe het met iemand gaat. Te hard corrigeren drijft tot wanhoop, te zacht laat de wond etteren [1].
Wat blijft staan: wie leidt, leidt mensen met een eigen wil. Dwang is geen herderschap.
2. Gregorius de Grote: Regula Pastoralis
Gregorius was paus van 590 tot 604 [3]. Hij schreef zijn "Boek van de pastorale regel" aan een bisschop die hem verweet dat hij zich had verstopt voor het ambt. Gregorius antwoordt dat hij juist wil laten zien hoe zwaar die last is. Wie hem niet draagt, moet hem niet onbezonnen zoeken. Wie hem wel draagt, mag ervoor beven [2].
Het leiden van zielen noemt hij "the art of arts", de kunst der kunsten [2]. Over het verlangen naar leiderschap schrijft hij: laat vrees dat verlangen temperen [2]. En hij waarschuwt dat drukte van buiten je kan uithollen van binnen, zodat je je eigen geestelijke toestand uit het oog verliest [2].
In deel II staat een zin die me bijbleef. Alle mensen zijn van nature gelijk, schrijft hij: "nature produced all men equal" [4]. Leiders moeten dus meer denken aan hun gelijkheid dan aan hun rang, en blij zijn met goed doen in plaats van met heersen [4]. De aartsvaders werden herders van kudden genoemd, merkt hij op, geen koningen van mensen [4].
Gregorius noemde zichzelf servus servorum Dei, dienaar der dienaren Gods [3]. Hij deed dat als les in nederigheid tegenover een patriarch die zich een grote titel had laten geven [3].
Wat blijft staan: wie het ambt begeert om eer, is ongeschikt. Wie de zwaarte ziet, kan geschikt zijn.
3. De Regel van Benedictus: de abt
Benedictus schreef een regel voor monniken die de basis werd van het westerse kloosterleven. Twee hoofdstukken gaan rechtstreeks over de leider, een derde over het raadplegen van de broeders.
De abt is in de eerste plaats vader. Zijn titel komt van het Aramese אַבָּא (abba, "vader") [5]. Hij moet meer onderwijzen met daden dan met woorden [5]. Hij mengt zachtheid met strengheid en past zijn aanpak aan aan ieder mens [5].
In hoofdstuk 3, voor mij het mooiste, staat dit. Bij belangrijke zaken roept de abt de hele gemeenschap bijeen en hoort hij ieders mening. Ook die van de jongsten, want de Heer maakt vaak aan de jongere bekend wat het beste is [6]. Daarna beslist de abt zelf, in de vreze Gods [6]. Geen democratie, wel een plicht tot luisteren.
Hoofdstuk 64 zegt dat de abt gekozen wordt op grond van levenswandel en wijsheid, ook als hij laag in de rangorde staat [7]. Hij moet meer dienen dan heersen, en het geknakte riet niet breken [7]. Hij moet eerder bemind dan gevreesd willen worden [7]. En onderscheiding noemt de regel de moeder van de deugden: de sterken hebben iets om naar te streven, en de zwakken haken niet af [7].
Wat blijft staan: luister naar iedereen, ook naar wie het jongst is. En draag dan zelf de verantwoordelijkheid.
4. Richard Baxter: The Reformed Pastor
Richard Baxter (1615 tot 1691) is vooral bekend van zijn werk in Kidderminster, een stadje in Engeland [8]. In 1656 verscheen The Reformed Pastor. Het boek is meer dan driehonderd jaar in druk gebleven [8]. "Reformed" betekent hier eerder vernieuwd: een predikant die zelf vernieuwd is.
Wat Baxter deed, is indrukwekkend. Samen met een assistent bezocht hij elke week veertien gezinnen. Thuis, met vraag en antwoord. Zijn doel: alle achthonderd gezinnen van de parochie binnen één jaar [8]. Zijn aanpak werd in Engeland een voorbeeld voor anderen [8].
Daarmee verschoof het leiderschap van de kansel naar de huiskamer. Je kent mensen pas als je bij ze thuis komt. Het sluit aan bij de oproep in Handelingen 20:28 om acht te geven op jezelf en op de hele kudde.
Wat blijft staan: leiderschap berust op het kennen van mensen. Dat vraagt tijd, ritme en hulp.
5. Charles Spurgeon: Lectures to My Students
Spurgeon was in de negentiende eeuw de bekendste prediker van Londen. In 1856 begon hij het Pastors' College, en tot 1892 werden daar 863 studenten opgeleid [9]. Op vrijdagmiddag sprak hij zelf tot hen. Uit die toespraken ontstond Lectures to My Students [10].
Kijk naar de eerste titels: "The Minister's Self-Watch", het zelftoezicht van de predikant. "The Preacher's Private Prayer", het persoonlijk gebed. En "The Minister's Fainting Fits", de inzinkingen van de predikant [10]. De eerste lezingen gaan over heiligheid, roeping en gebed [10].
Twee dingen springen eruit. Spurgeon begint bij het innerlijk leven, niet bij preektechniek. En hij spreekt openlijk over neerslachtigheid bij leiders. Geestelijke leiders zijn kwetsbaar, en dat mag gezegd worden.
Wat blijft staan: wie anderen leidt, moet eerst over zichzelf waken. Ook over zijn eigen vermoeidheid.
De rode draad
Vijf schrijvers, uit heel verschillende eeuwen. Toch hoor ik hetzelfde:
- Vrees het ambt een beetje. Dat houdt je klein.
- Leid door overtuiging en voorbeeld, niet door dwang.
- Ken je mensen. Luister, ook naar de jongsten.
- Waak eerst over je eigen ziel.
Om over door te denken
- Gregorius schrijft dat vrees het verlangen naar leiderschap moet temperen. Hoe zit dat bij jou: meer verlangen of meer vrees?
- Benedictus laat ook de jongsten meepraten. Wie hoor jij te weinig in je gezin, werk of gemeente?
- Spurgeon sprak over inzinkingen van leiders. Met wie deel jij het als het niet goed met je gaat?
Bronnen
- Johannes Chrysostomus, Over het priesterschap, boek II, Nicene and Post-Nicene Fathers, via New Advent. https://www.newadvent.org/fathers/19222.htm
- Gregorius de Grote, Liber Regulae Pastoralis, deel I, vertaling James Barmby, NPNF II vol. 12 (1895), via New Advent. https://www.newadvent.org/fathers/36011.htm
- Wikipedia, "Servant of the servants of God". https://en.wikipedia.org/wiki/Servant_of_the_servants_of_God
- Gregorius de Grote, Liber Regulae Pastoralis, deel II, vertaling James Barmby, NPNF II vol. 12 (1895), via New Advent. https://www.newadvent.org/fathers/36012.htm
- Benedictus van Nursia, Regel, hoofdstuk 2, Christian Classics Ethereal Library. https://ccel.org/ccel/benedict/rule/rule.iv.html
- Benedictus van Nursia, Regel, hoofdstuk 3, Christian Classics Ethereal Library. https://www.ccel.org/ccel/benedict/rule/rule.v.html
- Saint Meinrad Archabbey, The Rule of Benedict, hoofdstuk 64 "The Appointment of the Abbot", PALNI Open Press. https://pressbooks.palni.org/ruleofbenedict/chapter/rb-64/
- Christian Study Library, artikel over het leven en de bediening van Richard Baxter (met verwijzing naar J.I. Packer). https://www.christianstudylibrary.org/node/20299
- Wikipedia, "Spurgeon's College". https://en.wikipedia.org/wiki/Spurgeon%27s_College
- Geoff Chang, "Lectures to My Students", Desiring God, 18 november 2022. https://desiringgod.org/articles/lectures-to-my-students