Tot het uiterstevan de aarde

Tot het uiterste van de aarde · Deel 2

Tot het uiterste van de aarde

Acht Nederlandse zendelingen, van Antonius Hambroek tot Truus Lemmens

Wim Kamphorst

Omslag van Tot het uiterste van de aarde, deel 2 van Tot het uiterste van de aarde

Gratis te lezen

Lees het online of neem het mee

Het hele boek staat hier. Lees het per persoon op deze site, of download het als PDF of e-book.

105 pagina's · Nederlands · Bijbelcitaten uit de Herziene Statenvertaling

Inhoud

  1. Inleiding: hier ben ikhieronder
  2. Antonius Hambroek: de dominee die terugging1606-1661
  3. Martinus Johannes Niewindt: de bisschop tussen kerk en plantage1796-1860
  4. Nicolaus Adriani: de geleerde die eerst ging luisteren1865-1926
  5. Antonie Aris van de Loosdrecht: de zendeling die in Bori' bleef1885-1917
  6. Hendrik Kraemer: de weesjongen die nooit dominee werd1888-1965
  7. Caroline Gunning: tegen de zin in naar Soekaboemi1889-1988
  8. Riek Luinenburg-Pelle: de bruid zonder bruidegom1895-1943
  9. Truus Lemmens: mama aan de Kashmir Road1914-2000
  10. Nawoord

Inleiding

Hier ben ik

Toen de profeet Jesaja in de tempel de stem van de Heere hoorde vragen wie Hij zou zenden, gaf hij een kort antwoord: Toen zei ik: Zie, hier ben ik, zend mij. (Jesaja 6:8)

Het klinkt eenvoudig. De acht mensen in dit boek ontdekten hoe weinig eenvoudig het is. Eén van hen ging terug naar het kamp van de vijand en kwam niet meer terug. Eén vertrok tegen de zin van haar eigen zendingsleiding. Eén trouwde met een man die aan de andere kant van de wereld was, en reisde hem pas daarna achterna. Eén ging als missiezuster naar Pakistan en bleef daar tot haar dood.

Dit is het tweede deel van Tot het uiterste van de aarde. Net als in het eerste deel gaat het om mannen en vrouwen die in Nederland geboren zijn en die hun leven elders gaven. Ze komen uit Rotterdam en Amsterdam, Oud-Loosdrecht en Veenendaal, Zwolle, Eibergen en Venray. Ze werkten op Formosa, Curaçao, Celebes, Java en in Pakistan. De volgorde is die van de tijd, van een dominee die in 1661 op Formosa stierf tot een zuster die in 2000 in Karachi overleed.

FEITEN VOOROP

Ook in dit deel heb ik per persoon uitgezocht wat vaststaat en wat alleen verteld wordt. Bij een paar mensen was dat lastig. Van Riek Luinenburg-Pelle en Caroline Gunning zijn weinig eigen woorden bewaard, en wat er over hen geschreven is, komt vaak uit één familiearchief of één archiefbeschrijving. Ik heb hun hoofdstukken daarom korter gehouden. Liever een kort verhaal dat klopt dan een lang verhaal dat ik zelf heb ingevuld.

Na elk hoofdstuk staat een overzicht van wat vaststaat, wat alleen uit eigen getuigenis of uit de kring van de persoon komt, en wat onbevestigd is. Daarna volgen de bronnen.

EERLIJK OVER DE SCHADUW

Sommige hoofdstukken in dit boek zijn niet prettig om te lezen. Een bisschop op Curaçao bouwde scholen voor kinderen die nergens anders terecht konden, en bezat zelf tot slaaf gemaakte mensen. Een jonge zendeling in Toraja werd gedood, en over het waarom lopen de verhalen tot vandaag uiteen.

Ik vertel die dingen omdat ze gebeurd zijn. De Bijbel doet hetzelfde met zijn eigen helden. Wie alleen het mooie ziet, leert niets van wat er misging, en ook niets van de genade die daar doorheen werkte.

HOE JE DIT BOEK KUNT LEZEN

Elk hoofdstuk staat op zichzelf. Je kunt beginnen bij de naam die je kent of juist bij de naam die je nog nooit hoorde. Lees het met een kaart erbij en met een open Bijbel.

En lees het met die korte zin van Jesaja in je achterhoofd. Niemand van deze acht wist bij het vertrek hoe het zou aflopen. Ze zeiden alleen: hier ben ik.

Colofon

Tot het uiterste van de aarde. Nederlandse zendelingen, deel 2

© 2026 Wim Kamphorst Stichting (F)Luister Nederland

Bijbelcitaten zijn overgenomen uit de Herziene Statenvertaling © 2010 Stichting HSV.

Eigen uitgave. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur.

Bij elk hoofdstuk staan de geraadpleegde bronnen. Verhalen die alleen uit de eigen getuigenis van een persoon of uit de verslagen van een zendingsgenootschap bekend zijn, of die niet te controleren zijn, worden in de tekst en in het slotoverzicht van elk hoofdstuk zo benoemd.