Gods generaals in Nederland · Deel 3
Volg hun geloof na
Acht Nederlandse mannen en vrouwen van God, van Guido de Brès tot Arnol Kox
Wim Kamphorst
Gratis te lezen
Lees het online of neem het mee
Het hele boek staat hier. Lees het per persoon op deze site, of download het als PDF of e-book.
99 pagina's · Nederlands · Bijbelcitaten uit de Herziene Statenvertaling
Inhoud
- Inleiding: een menigte van getuigenhieronder
- Guido de Brès: de man die zijn geloof over de muur gooide1522-1567
- Anna Maria van Schurman: de geleerde die het betere deel koos1607-1678
- Johannes van der Kemp: de dragonder die blootsvoets ging1747-1811
- Johannes en Hendrina van ’t Lindenhout: het wezendorp1836-1918
- Johannes Post: de boer die zijn deur openzette1906-1944
- Hebe Kohlbrugge: de vrouw die de leugen niet wilde zwijgen1914-2016
- Hans Rookmaaker: de kunstkenner uit het kamp1922-1977
- Arnol Kox: de man die riep in de winkelstraat1952-2020
- Nawoord
Inleiding
Een menigte van getuigen
In Valenciennes, in het noorden van Frankrijk, is geen graf van Guido de Brès. In Wieuwerd weet niemand precies waar Anna Maria van Schurman ligt. Het lichaam van Johannes Post werd een jaar na zijn dood uit een kuil in de duinen gehaald. Van veel mensen in dit boek is weinig tastbaars overgebleven. Een brief, een boek, een weeshuis dat een jeugdzorginstelling werd, een pad met spreuken in een Eindhovense wijk.
En toch spreken ze nog. In de brief aan de Hebreeën staat, na een lange rij namen van gelovigen uit het Oude Testament: Welnu dan, laten ook wij, nu wij door zo’n menigte van getuigen omringd worden, afleggen alle last en de zonde, die ons zo gemakkelijk verstrikt. En laten wij met volharding de wedloop lopen die voor ons ligt. (Hebreeën 12:1).
Dit is het derde deel van een reeks over zulke getuigen uit eigen land. Ik volg daarbij het voorbeeld van Roberts Liardon, die in zijn boekenreeks God’s Generals het leven beschreef van predikers en opwekkingsleiders, met hun roeping, hun kracht en ook hun val. In het eerste deel van deze reeks stonden onder anderen Corrie ten Boom, Johannes de Heer en Anne van der Bijl. Deel twee volgt een andere groep. In dit deel ga ik verder terug in de tijd, en kom ik ook dichterbij dan je misschien verwacht.
VIJF EEUWEN
De mensen in dit boek beslaan bijna vijfhonderd jaar. De eerste stierf in 1567 aan een galg. De laatste stierf in 2020 in een ziekenhuis in Eindhoven, nadat hij die maand nog een laatste ronde door de stad had gemaakt.
Daartussen staan een geleerde vrouw uit Utrecht die alles opgaf om met een kleine gemeenschap mee te trekken. Een officier en arts die na de verdrinking van zijn vrouw en kind zendeling werd in Zuid-Afrika. Een colporteur uit de Betuwe die met zijn vrouw zonder geld een weeshuis begon dat uitgroeide tot een dorp. Een gereformeerde boer uit Drenthe die zijn deur openzette voor Joodse onderduikers. Een theologe die in Ravensbrück zat en daarna veertig jaar bruggen bouwde naar de kerken achter het IJzeren Gordijn. Een kunsthistoricus die in een krijgsgevangenkamp de Bijbel ging lezen. En een straatprediker die veertig jaar lang riep dat niemand onsterfelijk is.
Het zijn mensen uit heel verschillende kerken. Gereformeerd, hervormd, vrijgemaakt, labadist, rooms-katholiek. Over veel dingen zouden ze het met elkaar oneens zijn geweest. Een paar van hen zouden elkaar waarschijnlijk niet eens als broeder of zuster hebben herkend. Dat is geen reden om ze niet naast elkaar te zetten. Het is juist een reden om het wel te doen.
WAAROM EEN WAAL EN EEN STRAATPREDIKER?
Je zult misschien opkijken van een paar namen. Guido de Brès was een Franstalige Waal, die nooit in het huidige Nederland heeft gewoond. Maar in zijn tijd bestonden België en Nederland nog niet als aparte landen, en de belijdenis die hij schreef, werd het hart van de Nederlandse protestantse kerken. Wie in Nederland gereformeerd is, leeft nog steeds van zijn werk.
Arnol Kox was een rooms-katholieke straatprediker zonder opleiding of organisatie. Veel mensen vonden hem lastig of lachwekkend. Ik heb hem toch opgenomen, omdat hij iets deed wat bijna niemand van ons durft, en omdat hij het volhield tot zijn laatste week. Ook dat is een generaal: iemand die voorop loopt waar anderen niet durven.
FEITEN VOOROP
Net als in het eerste deel wil ik eerlijk zijn over wat we weten. Over mensen die al eeuwen dood zijn, gaan verhalen rond die mooier zijn geworden in het navertellen. Over mensen die kort geleden stierven, is vaak nog geen goede biografie geschreven. In beide gevallen moet je opletten.
Ik heb per persoon uitgezocht wat vaststaat: jaartallen, plaatsen, namen, oude naslagwerken, archieven, wetenschappelijke studies en krantenberichten. Waar bronnen elkaar tegenspreken, zeg ik dat. Daarnaast zijn er verhalen die we alleen kennen omdat iemand ze zelf vertelde, of omdat zijn vrienden ze opschreven. Die vertel ik ook, want vaak zit daar het hart van een leven. Maar ik zeg erbij waar ze vandaan komen. En als een verhaal rondgaat dat ik niet kon controleren, lees je dat in de tekst.
Na elk hoofdstuk vind je een kort overzicht: wat vaststaat, wat alleen uit eigen getuigenis bekend is, wat maar in één bron staat en wat onzeker of betwist is. Daarna volgen de bronnen, zodat je zelf verder kunt zoeken.
NIET ALLEEN DE MOOIE KANTEN
Een paar mensen in dit boek hebben fouten gemaakt die je niet kunt wegpoetsen. Een weesvader die het geld niet kon beheren en wiens tehuis in een landelijk schandaal terechtkwam. Een zendeling wiens huwelijk met een jonge vrouw vragen oproept. Een geleerde die zich aansloot bij een groep die vaak als sekte wordt gezien. Een straatprediker die trouwde met een vrouw die voor hem haar man had verlaten. Ik vertel die dingen, omdat ze bekend zijn en omdat ze erbij horen.
Liardon doet dat ook, en terecht. De Bijbel zelf doet het ook. David, Petrus en Paulus worden niet beschreven als volmaakte mensen. Wie alleen de successen van geloofshelden ziet, gaat denken dat God alleen met sterke mensen werkt. Het tegendeel is waar. In al deze levens zie je hoe God werkte met mensen die zwak, koppig, eigenwijs of gebroken waren.
Maar ik zoek geen sensatie. Wat ik niet goed kan onderbouwen, laat ik weg of benoem ik als onzeker.
HOE JE DIT BOEK KUNT LEZEN
Elk hoofdstuk staat op zichzelf. De volgorde is die van de tijd, van de zestiende eeuw tot 2020. Je kunt vooraan beginnen, of bij de naam die je het meest aanspreekt. Lees het met een open Bijbel ernaast. Bijna al deze mensen werden geraakt door een bepaalde tekst: de eerste vraag van de catechismus, Romeinen 8, Jakobus 1:27, de profeten van het Oude Testament.
En lees het met een vraag in je achterhoofd. Wat vroeg God van hen, en wat vraagt Hij van jou? Geen van hen wist aan het begin waar het zou eindigen. De Brès gooide een pakketje over een muur. Van ’t Lindenhout las een vers. Post nam één onderduiker in huis. Rookmaaker sloeg in een kamp een Bijbel open. Het begon telkens klein, met één stap van gehoorzaamheid.
Colofon
Volg hun geloof na. Gods generaals in Nederland, deel 3
© 2026 Wim Kamphorst Stichting (F)Luister Nederland
Bijbelcitaten zijn overgenomen uit de Herziene Statenvertaling © 2010 Stichting HSV.
Eigen uitgave. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur.
Bij elk hoofdstuk staan de geraadpleegde bronnen. Verhalen die alleen uit de eigen getuigenis van een persoon bekend zijn, of die niet te controleren zijn, worden in de tekst en in het slotoverzicht van elk hoofdstuk zo benoemd.