Eindelijk aan land
Het is 3 maart 1815. Een man van 45 jaar stapt aan land op Ambon. Ambon is een eiland in de Molukken, heel ver weg. Nu hoort het bij Indonesië.
De man heet Joseph Kam. Hij is dominee. Achter hem ligt een lange, zware reis. Hij was er zeeziek van.
Op Ambon wonen veel christenen. Maar ze hebben al heel lang geen eigen dominee gehad. Hoe lang precies, weet niemand zeker. Een oud tijdschrift spreekt van meer dan twintig jaar.
Op dit moment heeft Joseph zeven jaar gewacht. Hoe kwam een man uit Den Bosch op dit eiland terecht?
Een winkel vol leer
Joseph werd geboren in september 1769, in ’s-Hertogenbosch. Op 19 september werd hij daar gedoopt. Zijn vader Joost had een zaak in leer. Joseph werkte mee in de winkel.
Vader Joost ging graag om met de hernhutters. Dat waren christenen uit Duitsland. Ze vonden het belangrijk om het evangelie te brengen aan volken die het nog niet kenden. In Zeist hadden ze een eigen dorp. Door hen kreeg Joseph belangstelling voor zending. Zending betekent dat je ver weg gaat om over Jezus te vertellen.
Volgens een oud verhaal wilde Joseph al jong zendeling worden. Maar zijn vader wilde dat hij in de handel ging. Dat deed hij.
Alles kwijt
Toen zijn ouders stierven, hield de leerzaak op. Joseph kreeg werk bij een rechtbank, eerst in Den Haag en later in Amsterdam. Het was een eenvoudig baantje. Hij was een soort bode of loopjongen.
In 1804 trouwde hij met Alida van Epen. Ze kregen een dochtertje. Maar in maart 1806 stierf Alida, kort na de geboorte. Het meisje ging wonen bij familie van Josephs broer, in Berkel. Daar stierf zij ook.
Binnen een paar jaar was Joseph alles kwijt. Zijn ouders, zijn zaak, zijn vrouw en zijn kind.
Wat zou jij doen als je zoveel verliest?
Een Engels tijdschrift schreef later dat Joseph het zag als een teken. Hij moest naar het buitenland. Volgens een bijbelgenootschap in Indonesië zei hij: “Ik bestudeer nu Gods wil en wegen. Ik wil zendeling worden.”
Zeven jaar wachten
In 1808 meldde Joseph zich bij het Nederlandsch Zendeling Genootschap. Dat was een club die zendelingen uitstuurde. Joseph was toen bijna veertig. Hij mocht leerling worden.
Maar weggaan lukte niet. Engeland en Frankrijk waren in oorlog. Nederland stond aan de kant van Frankrijk. Schepen naar Indië konden niet zomaar vertrekken.
Joseph gebruikte de tijd om te leren. Hij studeerde samen met twee Duitse jongemannen, Brückner en Supper. Ze gingen ook naar de hernhutters in Zeist.
In 1812 gingen de drie naar Engeland. Een bron zegt dat ze het land uit werden gesmokkeld! In Londen werd Joseph in 1813 dominee. Daarna voeren ze naar Java, een groot eiland in Indië. In 1814 kwamen ze aan in Batavia, de stad die nu Jakarta heet.
Joseph moest naar Ambon. Maar er ging geen schip naar de Molukken. Dus wachtte hij weer, maandenlang. In februari 1815 kon hij eindelijk verder.
Een drukpers op het eiland
Op Ambon begon Joseph meteen. Volgens een Indonesische studie preekte hij twee dagen na aankomst al. Op Ambon trouwde hij ook opnieuw, met Sara Maria Timmerman. Ze kregen twee zonen.
Joseph had een probleem. De christelijke dorpen lagen op eilanden ver uit elkaar. Hij kon niet overal tegelijk zijn.
Daarom begon hij in 1819 een drukkerij. Hij betaalde de drukpers zelf. Er werden vierduizend boekjes gedrukt met vragen en antwoorden over het geloof, in het Maleis. Dat was de taal die veel mensen daar spraken. Hij leerde mensen van de eilanden zelf drukken.
Hij begon ook een school voor onderwijzers uit de Molukken. Les gaven Joseph, zijn vrouw Sara Maria en een Molukse leraar, Mattheus Huwae. De leerlingen beloofden dat ze overal heen wilden gaan. Daarna trokken ze als onderwijzer naar de verre eilanden.
Een schip dat Amboina heette
Sommige eilanden lagen heel ver weg. Kisar, Leti, Moa, Banda, de Aru-eilanden. Daar woonden mensen die ooit gedoopt waren. Maar ze hadden in jaren geen dominee gezien.
Dus deed Joseph iets opvallends. In 1825 liet hij een eigen schip bouwen. Het was een schoener: een klein zeilschip met twee masten. Hij noemde het de Amboina.
Een dominee met een eigen schip! Daarmee kon hij de verre eilanden bereiken. In 1829 verging de Amboina bij het eiland Kisar. Joseph liet gewoon een nieuw schip bouwen.
Hij bouwde ook een kerk op Ambon, grotendeels met zijn eigen geld. En hij zorgde voor iets bijzonders bij het zingen in de kerk: fluitspel.
Jonge zendelingen uit Nederland mochten bij hem in huis wonen. Een oud tijdschrift schreef dat ze een vader aan hem hadden.
De baas van het land
De Molukken waren toen een kolonie van Nederland. Een kolonie is een land waar een ander land de baas is. De kerk waar Joseph voor werkte, hoorde bij dat Nederlandse bestuur.
Soms reisde Joseph mee met de boten van dat bestuur. In 1821 voer hij mee met een vloot van 48 grote Molukse roeiboten en een oorlogsschip. Het waren boten met wapens.
Het bestuur liet Joseph ook niet altijd zijn gang gaan. Hij wilde het liefst naar mensen die nog nooit van Jezus hadden gehoord. Maar hij moest vooral voor de bestaande kerken zorgen.
Hoe vonden de Molukkers zelf zijn werk? Dat weten we bijna niet. Hun stemmen zijn in de oude papieren niet bewaard.
De laatste reis
In maart 1833 vertrok Joseph weer op reis langs de eilanden. Hij was nu 63. Op Banda werd hij ziek. Op 14 juli kwam hij uitgeput terug op Ambon. Vier dagen later stierf hij. Zijn jonge vriend Gericke was bij hem. Gericke nam zijn werk over.
Bij de begrafenis kwamen zoveel mensen dat ze niet allemaal in de kerk pasten.
De kerk in de Molukken is Joseph Kam niet vergeten. In Indonesië noemen ze hem nog steeds Rasul Maluku. Dat betekent: apostel van de Molukken.
Echt gebeurd?
Ja. Dat Joseph Kam zijn vrouw en dochtertje verloor, in 1815 op Ambon aankwam, een drukkerij begon en een eigen schip liet bouwen, staat in veel bronnen. Wat hij zei over zendeling worden, kennen we alleen uit een Engelse vertaling van een Indonesisch bijbelgenootschap. Ook de reis met de vloot in 1821 en de naam van Mattheus Huwae staan maar in één bron. Of hij als kind al zendeling wilde worden, is een oud verhaal.
Praat erover
- Joseph moest zeven jaar wachten voor hij op Ambon kwam. Vind jij wachten moeilijk? Waarop heb jij weleens lang gewacht?
- Joseph leerde mensen van de eilanden zelf drukken en lesgeven. Waarom was dat zo slim, denk je?
Uit de Bijbel
De HEERE regeert, laat de aarde zich verheugen en vele kustlanden zich verblijden. (Psalm 97:1)
Ga zelf kijken
Het graf van Joseph Kam ligt in het centrum van de stad Ambon, in Indonesië. Het ligt naast het gebouw van de Protestantse Kerk van de Molukken.