Echt gebeurd!

Naar de andere kant van de wereld · verhaal 9

Izaak Kijne

de meester met het lied over Papoea

Ongeveer 8 minuten voorlezen

Bach, heel ver weg

Ergens in Nieuw-Guinea staat een koor van jonge Papoea’s. Nieuw-Guinea is een enorm eiland, ten noorden van Australië. De Papoea’s zijn de mensen die er al eeuwen wonen.

Het koor zingt de Matthäus-Passion. Dat is muziek van Johann Sebastian Bach, uit Duitsland. Het lijdensverhaal van Jezus, op muziek. Bach schreef het lang geleden, in de Duitse stad Leipzig. En nu klinkt het hier, ver weg van elke concertzaal.

Voor het koor staat een Nederlander. Hij heet Izaak Samuel Kijne. Hij heeft een absoluut gehoor. Dat betekent dat hij elke toon precies herkent, zonder hulp.

Waar en wanneer het koor precies zong, weten we niet meer. Maar het zegt veel over meester Kijne. Hij gaf zijn leerlingen het beste wat hij kende. En hij vertrouwde erop dat ze het konden.

Een jongen in Nijmegen

Izaak Kijne werd geboren op 1 mei 1899. Toen hij een jaar of elf was, woonde hij in Nijmegen.

Meer weten we bijna niet over zijn jeugd. Hoe hij ging geloven, staat nergens. Waarom hij zendeling wilde worden, ook niet. Een zendeling gaat naar een ver land om over Jezus te vertellen. Een geschiedkundige is een boek over hem gaan schrijven. Misschien komen we het ooit nog te weten.

Een school op een eiland

In juni 1923 kwam Izaak Kijne aan op Mansinam. Dat is een klein eiland voor de kust van Nieuw-Guinea. Hij was 24 jaar.

Hij werd de baas van een school voor guru’s. Zo heetten de onderwijzers uit Papoea die in de dorpen lesgaven. Vaak gingen ze ook voor in de kerk.

Het gebied hoorde toen bij Nederlands-Indië. Dat was een kolonie van Nederland. Een kolonie is een land waar een ander land de baas is. De zending werkte onder dat Nederlandse bestuur.

Geschiedkundigen zeggen daar twee dingen over. Zendingen hielpen vaak om het Nederlandse bestuur goed te praten. Maar zendelingen brachten ook ideeën mee waardoor Papoea’s later trots werden op hun eigen volk. Bij Kijne zie je allebei.

Zelf leren, zelf lesgeven

Kijne had een duidelijke mening. Papoea-kinderen moesten leren om zelfstandig te leven. Hij wilde liever onderwijzers uit Papoea zelf dan onderwijzers van ergens anders. Papoea’s moesten hun eigen mensen lesgeven, in hun eigen dorpen.

Een Indonesische nieuwssite vertelt wat hij eens over zijn leerlingen zei. “Papoea-kinderen werken hard.” Ze konden werken voor hun eigen land en hun eigen volk.

Wat denk jij? Leer je liever van iemand uit je eigen dorp, of van iemand van ver weg?

De steen op de heuvel

In oktober 1925 nam Kijne een groot besluit. Hij verhuisde zijn school, met alle leerlingen, naar Miei. Dat dorp ligt aan een grote baai. De school kwam aan de voet van een heuvel, Aitumieri.

Bij die heuvel ligt een steen. In Papoea heet hij nu de steen van de beschaving.

Volgens een oud verhaal in Papoea stond Kijne op die steen als hij lesgaf of bad. Zijn leerlingen stonden om hem heen. Op die steen zou hij iets bijzonders hebben gezegd. Later zouden er mensen komen met meer kennis en wijsheid. Maar het Papoea-volk zelf zou opstaan en zichzelf leiden.

Veel Papoea’s zien die woorden als een profetie. Een profetie is een boodschap over de toekomst. Maar of Kijne het echt zo zei, weten we niet zeker. Het verhaal staat alleen in Indonesische boeken en artikelen van de laatste jaren. In oude Nederlandse papieren is het niet gevonden.

De plek is in Papoea heel belangrijk geworden. Er wordt geld gegeven om hem te herstellen. In 2025 was er zelfs een feest in Jakarta, de hoofdstad van Indonesië. Het heette: honderd jaar beschaving van Papoea. Met beschaving bedoelen ze daar lezen, schrijven en onderwijs.

Een lied voor het land

In het Indonesisch schreef hij een lied. Het begint met Hai tanahku Papua. Dat betekent: o mijn land Papoea. Het lied gaat over het land zelf.

Kijne schreef het voor zijn school. Maar het lied kreeg later een veel groter leven.

In 1961 kozen de vertegenwoordigers van Nieuw-Guinea een eigen vlag en een volkslied. Dat volkslied werd het lied van Kijne!

Lang duurde dat niet. In 1963 kwam het gebied onder het bestuur van Indonesië. Het lied werd een teken van mensen die een eigen, vrij Papoea willen. De Indonesische overheid heeft het in Papoea verboden. Over de toekomst van Papoea zijn mensen het tot vandaag oneens. Kijne schreef zijn lied voor zijn leerlingen. Wat er daarna mee gebeurde, had hij niet in de hand.

Leerlingen die leiders werden

Vijfendertig jaar leidde Kijne onderwijzers op. Honderden Papoea’s zaten bij hem in de klas. Veel van hen werden later politici, bestuurders en voorgangers in de kerk.

In 1954 kreeg een school voor dominees in de stad Jayapura zijn naam. Die school bestaat nog steeds.

In 1958 moest Kijne terug naar Nederland. Hij wilde dat zelf niet. Hij ging wonen in Oegstgeest, bij Leiden. Daar gaf hij nog les tot 1969.

In dat jaar werd er in Papoea gestemd. Ruim duizend stamhoofden stemden of het gebied bij Indonesië zou horen. Ze stemden allemaal ja. Over die stemming zijn mensen het nog altijd oneens. Critici vinden dat het geen eerlijke keus was. Voor Indonesië is de uitslag juist de basis van zijn gezag over Papoea.

Op 12 maart 1970 stierf Izaak Kijne. Hij was zeventig jaar. Iemand die een boek over hem schrijft, zegt dat hij stierf in verdriet.

Honderd jaar later

In Nederland kent bijna niemand Kijne nog. In Papoea is dat anders. Daar worden kinderen nog naar hem vernoemd!

In oktober 2025 vierde de kerk in Papoea dat Kijne honderd jaar eerder met zijn werk begon. Een grote wereldwijde organisatie van kerken stuurde een brief. Daarin noemden ze hem een voorvader voor geloof en gerechtigheid.

Zou jij het fijn vinden als mensen na honderd jaar nog een lied van je zingen?

Echt gebeurd?

Ja. Dat Kijne in 1923 in Nieuw-Guinea kwam, onderwijzers opleidde, in 1925 zijn school naar Miei verhuisde en het lied Hai Tanahku Papua schreef, staat in meerdere bronnen. Het koor met de muziek van Bach kennen we uit het verslag van één geschiedkundige. De woorden die hij op de steen zou hebben gesproken, zijn een verhaal uit Papoea dat we niet kunnen controleren. Wanneer hij het lied precies schreef, weet niemand zeker.

Praat erover

  • Kijne wilde dat Papoea’s zelf leraar werden voor hun eigen volk. Waarom vond hij dat belangrijk, denk je?
  • Het lied van Kijne werd later een lied van strijd. Kan iets wat je maakt een heel ander leven krijgen dan je bedoelde?

Uit de Bijbel

Zing voor de HEERE een nieuw lied, zing voor de HEERE, heel de aarde. (Psalm 96:1)

Ga zelf kijken

Bij Miei, in de streek Teluk Wondama in Papoea (Indonesië), ligt de heuvel Aitumieri met de steen waarop Kijne volgens het verhaal stond. In de stad Jayapura staat de theologische hogeschool die zijn naam draagt.