Echt gebeurd!

Stenen die vertellen · verhaal 3

Deventer

de rijke man die zijn huis weggaf

Ongeveer 8 minuten voorlezen

Twee mensen zonder naam

In Deventer ligt een plein met een lange naam: het Lamme van Dieseplein. Op dat plein staan twee beelden van brons. Een man en een vrouw. De kunstenaar noemt ze broeder en zuster. Ze hebben geen naam. Ze zijn gewoon met hun werk bezig.

Aan hetzelfde plein staat een museum: het Geert Groote Huis. Een paar straten verderop stond vroeger nog een huis. Dat huis is verdwenen. Maar daar begon het allemaal.

Want meer dan zeshonderd jaar geleden gaf een rijke man dat huis weg. Hij heette Geert Grote. Waarom deed hij dat?

Een jongen van de Brink

Geert werd geboren in oktober 1340, in Deventer. Zijn ouders woonden aan de Brink, het grote plein midden in de stad. Zijn vader verkocht stoffen en was een belangrijk man. Hij was zelfs burgemeester.

Toen Geert ongeveer tien jaar was, kwam er een vreselijke ziekte: de pest. Zijn vader en zijn moeder stierven er allebei aan. Een oom ging voor Geert zorgen. Geert kreeg genoeg geld van zijn ouders om later te kunnen studeren.

Hij was heel slim. Rond zijn vijftiende ging hij naar Parijs, naar de beroemdste universiteit van die tijd. Hij leerde van alles: rechten, geneeskunde, over God en de Bijbel. Maar hij las ook boeken over sterren en over toverij.

Een makkelijk leven

Daarna kreeg Geert twee mooie baantjes bij de kerk. Een in Aken en een in Utrecht. Hij kreeg er elk jaar veel geld voor. Daar hoefde hij niet altijd veel voor te doen.

Hij kocht boeken, heel veel boeken. Hij had alles wat een slimme jongen uit een rijke familie maar kon wensen.

Tot hij ziek werd.

Boeken in het vuur

Rond 1372 werd Geert in Deventer heel erg ziek. Hij vroeg om de laatste zegen. Die geeft de kerk aan mensen die gaan sterven.

Volgens een oud verhaal zei de priester toen: eerst moet je je boeken over toverij weggooien. Geert liet die boeken op de Brink verbranden, voor iedereen te zien. Daarna werd hij weer beter.

Of het echt zo gegaan is, weten we niet zeker. Dit verhaal komt uit oude levensverhalen van Geert, die zijn leerlingen later schreven. Maar zeker is wel dat Geert in die jaren veranderde.

Er is nog een oud verhaal. Volgens dat verhaal zei een onbekende man in Keulen tegen hem: “Gij moet een ander mens worden.” Ook dat weet niemand zeker.

Wat we wel weten: Geert had een vriend uit zijn studietijd. Die vriend heette Hendrik en was de leider van een klooster bij Arnhem. In 1374 kwam Hendrik bij Geert op bezoek. Na hun gesprekken wist Geert wat hij wilde. Hij gaf zijn baantjes bij de kerk op. En daarmee ook al dat geld.

Heb jij ooit iets moeten loslaten wat je heel fijn vond?

Een huis voor arme vrouwen

In september 1374 liet Geert een belangrijk papier opmaken. Daarin stond dat zijn ouderlijk huis voortaan was voor arme vrouwen. In de oude taal stond er: “arme luden die er Gode dynen willen”. Dat betekent: arme mensen die er God wilden dienen. Zelf hield hij er een paar kamers.

De vrouwen werden geen nonnen. Ze bleven gewone vrouwen. Ze baden samen en zorgden voor zieken. Ze verdienden hun eten met spinnen en weven. Ze deelden alles wat ze hadden. Later noemden ze zich de Zusters van het Gemene Leven. Gemeen betekende toen: samen, gemeenschappelijk.

Dat was nieuw. Een vrouw kon nu God dienen in een gewoon huis, midden in de stad.

Geert ging zelf een paar jaar logeren in het klooster van zijn vriend Hendrik. Daar las hij de Bijbel en bad hij veel. Maar hij bleef er niet. Hij ging terug naar de steden.

“Ik jaag als een vrek op boeken”

De boeken liet Geert trouwens nooit los. Alleen de toverboeken waren weg. Hij bleef boeken verzamelen die hem dichter bij God brachten. In een brief schreef hij over zichzelf: “Ik jaag als een vrek op boeken.” Een vrek is iemand die alles voor zichzelf wil hebben. Geld wilde Geert niet meer. Maar boeken wel!

Geert vertaalde ook een gebedenboek uit het Latijn in het Nederlands. Zo konden gewone mensen in hun eigen taal bidden. Daar zijn nog wel duizend oude handgeschreven exemplaren van over.

De kerken werden te klein

In 1379 kreeg Geert toestemming van de bisschop om te preken. Hij was geen priester, maar diaken. Een diaken mag wel preken, maar is geen priester.

Geert trok langs veel steden: Amsterdam, Haarlem, Leiden, Delft, Gouda, Utrecht. Hij preekte in het Nederlands, soms wel twee uur lang. Volgens het museum werden de kerken te klein.

Hij riep mensen op om hun leven te veranderen. Hij zei ook dat sommige priesters en monniken verkeerd leefden. Dat vonden die niet leuk! Ze klaagden bij de bisschop. In 1383 mocht Geert niet meer preken.

Wat deed hij? Hij luisterde. Hij vroeg de paus om het verbod op te heffen. Maar hij preekte niet meer in het openbaar.

Broeders met een pen

Intussen ontstond er in Deventer iets nieuws. Een vriend van Geert, Florens, woonde met een groep jonge mannen in een huis. Ze schreven boeken over, met de hand. Want boeken drukken kon toen nog niet. Daarmee verdienden ze hun brood. Ze werden de Broeders van het Gemene Leven.

In 1384 was de pest weer in Deventer. Geert ging op bezoek bij een vriend die ziek was. Hij werd zelf ook ziek. Op 20 augustus 1384 stierf hij. Hij was pas drieënveertig.

Maar wat hij begon, ging door. Overal kwamen huizen van broeders en zusters. Uit hun kring kwam ook een beroemd boek: De navolging van Christus. Het wordt nog steeds gelezen.

Een plein vol herinneringen

Ga je nu in Deventer op zoek naar Geert, dan vind je geen graf. Je vindt ook zijn huis niet meer. Je vindt een tekst van hem op de plek waar zijn huis stond. En je vindt een museum op de plek van de eerste kapel van de broeders.

En op het Lamme van Dieseplein staan nog altijd de broeder en de zuster van brons. Ze hebben geen naam. Ze zijn gewoon met hun werk bezig.

Echt gebeurd?

Ja. Dat Geert Grote rijk was, zijn baantjes opgaf, in 1374 zijn huis weggaf aan arme vrouwen, preekte en in 1384 aan de pest stierf, staat in veel bronnen. Het verhaal van de toverboeken op de Brink en de man in Keulen komt uit oude levensverhalen, en niemand weet of het echt zo ging. De zin over de vrek op boeken schreef hij zelf in een brief.

Praat erover

  • Geert gaf zijn huis en zijn geld weg. Wat zou jij het moeilijkst vinden om weg te geven?
  • Geert mocht niet meer preken en hij luisterde. Vind jij dat slim, of had hij moeten blijven preken?

Uit de Bijbel

Want waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn. (Mattheüs 6:21)

Ga zelf kijken

Het Museum Geert Groote Huis staat aan het Lamme van Dieseplein in de binnenstad van Deventer. Op het plein staan de beelden van broeder en zuster. Om de hoek van de Broederenkerk, bij de plek waar zijn huis stond, staat een tekst van Geert. Aan de Brink, waar volgens het oude verhaal zijn boeken werden verbrand, kun je ook gaan kijken.