Echt gebeurd!

Kerken die hielpen · verhaal 7

Putten

de kerk waar een dorp samen stil werd

Ongeveer 9 minuten voorlezen

Een zondag zonder klokken

Het is zondagochtend 1 oktober 1944. In Putten, een dorp op de Veluwe, zou nu de kerkklok luiden. Maar de klokken moeten zwijgen.

Om het dorp staat een ring van Duitse soldaten. Het zijn er meer dan duizend. Niemand komt er meer in of uit. Iedereen moet naar het plein bij de kerk.

Wie ziek of oud is, of een baby heeft, mag thuisblijven. Dan moet er wel een wit laken uit het raam hangen.

Waarom gebeurt dit? Daarvoor gaan we een paar uur terug.

Een schot bij de brug

Het was oorlog. Het Duitse leger had Nederland bezet. Dat betekent dat de Duitsers de baas waren.

In Putten woonden veel gelovige mensen. Er waren ook een paar kleine groepjes van het verzet. Het verzet bestond uit mensen die in het geheim tegen de Duitsers vochten.

Op zaterdagavond 30 september schoten verzetsmensen bij een brug op een Duitse auto. Een Duitse officier en een verzetsman kwamen om. Een andere officier werd gewond.

De Duitse legerleiding wilde het hele dorp straffen. Daarom kwamen de soldaten op die zondagochtend.

Een kerk vol mensen

De vrouwen en kinderen moesten de Oude Kerk in. De mannen gingen eerst naar de school ernaast. Er werd geschoten in het dorp. Die dag kwamen er zeven mensen om, zegt Stichting Oktober 44. Andere bronnen noemen meer.

In de kerk was het heel vol. Mensen huilden. Een vrouw die erbij was, vertelde later dat er een Duitse officier op de preekstoel stond. Dat is de hoge plek waar de dominee op zondag preekt. Hij zei dat de kerk in brand zou gaan. Dat gebeurde niet.

’s Avonds om negen uur mochten de vrouwen en kinderen naar huis. Mannen boven de vijftig en jongens onder de achttien mochten mee. Daarna moesten de andere mannen de nacht in de kerk doorbrengen. In hun eigen kerk.

Psalmen op het plein

Op maandagochtend moesten de mannen op het plein gaan staan. Om één uur werden ze naar het station gebracht.

Een van de weinige mannen die later terugkwam, schreef erover. Ze hadden die ochtend nog een paar psalmen gezongen. Psalmen zijn liederen uit de Bijbel. De mannen kenden ze van kinds af uit hun hoofd. Volgens een verhaal dat in Putten verteld wordt, was het Psalm 84. Of dat klopt, weten we niet zeker.

Die middag werd in de kerk aan de vrouwen verteld: het dorp wordt verwoest. Ongeveer honderdtien huizen gingen in brand.

De mannen gingen met de trein naar een kamp in Amersfoort. Een aantal oude en zieke mannen mocht daar terug naar huis. De anderen gingen naar kampen in Duitsland. Daar moesten ze heel zwaar werken, soms in sloten vol water. De meesten van hen zijn daar gestorven.

Een lange lijst

Op 18 april 1945 werd Putten bevrijd. Er werd feest gevierd. Maar waar waren de mannen? Niemand wist het.

Een Nederlandse kapitein ging in Duitsland zoeken. Hij kwam terug met een lange lijst namen.

Op Hemelvaartsdag, 10 mei 1945, kwam het dorp bij elkaar in de Oude Kerk. De oude dominee Holland ging op de preekstoel staan. Bij het licht van een petroleumlamp las hij de namen voor. Het waren er ongeveer honderdtachtig. Het waren de mannen van wie nu vaststond dat ze gestorven waren.

Later zei dominee Holland: “Ik moest mij hard houden om het te doen.”

Probeer je dat eens voor te stellen. Een kerk vol mensen die luisteren of de naam van hun vader voorbijkomt. Wat zou jij voelen als je daar zat?

Van de 659 mannen die waren weggevoerd, kwamen er maar 48 terug. Putten kreeg een naam die bleef: het dorp van de weduwen en wezen. Een weduwe is een vrouw van wie de man is gestorven. Een wees is een kind zonder vader of moeder.

Samen staan

Hoe ga je verder als bijna alle vaders weg zijn? Dat kan niemand alleen.

Er kwam hulp uit het hele land en uit het buitenland. Mensen in Stroud, een stad in Engeland, zamelden geld in voor de weduwen en kinderen. In Putten is nog altijd een ontmoetingscentrum dat Stroud heet. Daar komt een groep familieleden van de mannen nog steeds samen, elke twee maanden.

Op 2 oktober 1945, een jaar na de razzia, was er een herdenkingsdienst in de kerk. Een razzia is een grote, plotselinge jacht op mensen om ze op te pakken. De nieuwe dominee, Kievit, vroeg iedereen om te gaan staan. Hij zei: “Ik verzoek thans de gemeente op te staan van haar zitplaatsen.” Zo stonden ze daar, samen, en dachten aan hun doden.

De kerk had geen antwoord op de vraag waarom. Maar ze had een plek, een dag en mensen naast je. Veel mannen hadden geen graf in de buurt. Toch kon het dorp ergens samen stil zijn.

Een kelk met twee kerken

Veel mannen uit Putten stierven in een kamp bij het Duitse dorpje Ladelund. De dominee daar heette Johannes Meyer. Hij begroef de doden op het kerkhof van zijn dorp. Na de oorlog schreef hij brieven aan de families. Toen wisten ze waar hun man of zoon lag.

Meyer was vroeger lid geweest van de partij van Hitler. Ook dat hoort bij het verhaal. Toch hielp hij de families uit Putten.

In 1950 reisden ongeveer 130 mensen uit Putten naar Ladelund, om de graven te zien. Ze sliepen niet in Duitsland. Ze sliepen net over de grens, in Denemarken. Zo dichtbij was het verdriet nog.

Een jaar later kwam Meyer naar Putten. De burgemeester gaf hem een kristallen kelk, een mooie beker. Daarop staan de kerk van Putten en de kerk van Ladelund naast elkaar.

Later begonnen de twee kerken een uitwisseling voor jongeren. Jongeren uit Putten gaan naar Ladelund, en jongeren uit Ladelund naar Putten. In 2015 liepen ruim zeventig mensen uit Putten in vijf dagen een estafette naar Ladelund. Dat is meer dan zevenhonderd kilometer!

Een vrouw die naar de kerk kijkt

In 1949 kwam er een monument. Het is een beeld van een vrouw met een zakdoek in haar hand. Ze kijkt naar de Oude Kerk. Iedereen noemt haar het Vrouwtje van Putten.

Elk jaar op 2 oktober komen honderden mensen naar het beeld. Er worden kransen gelegd, ook door schoolkinderen. De kinderen van groep 8 leren in die tijd wat er in hun dorp gebeurd is.

En op zondag gaan de deuren van de Oude Kerk nog gewoon open.

Echt gebeurd?

Ja. De razzia van 1 en 2 oktober 1944, de mannen in de kerk, het voorlezen van de namen in 1945 en de banden met Ladelund staan in veel bronnen. De officier op de preekstoel en het zingen van psalmen weten we omdat mensen die erbij waren het later vertelden. Dat het Psalm 84 was, is een verhaal dat we niet zeker weten. Over de precieze aantallen zijn de bronnen het niet helemaal eens.

Praat erover

  • De dominee vroeg de hele kerk om samen te gaan staan. Waarom helpt het om samen verdriet te hebben?
  • Mensen uit Putten gingen later naar Duitsland, maar sliepen in Denemarken. Waarom is vergeven soms een lange weg?

Uit de Bijbel

En God zal alle tranen van hun ogen afwissen, en de dood zal er niet meer zijn. (Openbaring 21:4)

Deze tekst staat in het Latijn op de kelk die Putten aan Ladelund gaf.

Ga zelf kijken

Het Vrouwtje van Putten staat in het Gedenkpark aan de Dorpsstraat in Putten. Ze kijkt naar de Oude Kerk. Aan de overkant, op Dorpsstraat 127, is de Gedachtenisruimte van Stichting Oktober 44. Daar staan de namen van de weggevoerde mannen.