Daniël
Trouw aan God aan een vreemd hof
Het verhaal
Daniël wordt als jonge man naar Babel gebracht en opgeleid voor de dienst aan het hof. Hij besluit zich niet te verontreinigen met het eten van de koning, maar hij doet dat met respect en met een voorstel aan zijn opzichter (Daniël 1:8-16). Hij legt dromen uit voor Nebukadnezar en dient later onder Darius. Hij spreekt Nebukadnezar ook vrijmoedig aan: breek met je zonden door gerechtigheid en door barmhartigheid voor de ellendigen (Daniël 4:27). Zijn tegenstanders zoeken iets om hem te beschuldigen, maar vinden niets, omdat hij getrouw is, behalve in de wet van zijn God (Daniël 6:5). Als bidden tot God verboden wordt, blijft hij drie keer per dag bidden, met de vensters open naar Jeruzalem (Daniël 6:11).
Wat je ervan leert
- Trouw in een vreemde omgeving. Daniël diende een heidense staat loyaal en goed. Hij hoefde zijn geloof niet te verstoppen om zijn werk goed te doen. Dat geldt ook op jouw werk.
- Nee zeggen met respect. Daniël weigerde het eten van de koning, maar kwam met een alternatief. Je kunt vasthouden aan wat God vraagt zonder de ander te vernederen.
- Spreek vrijmoedig. Daniël was loyaal, maar geen jaknikker. Hij zei de machtigste man van het rijk wat God van hem vroeg. Trouw dienen en eerlijk spreken gaan samen.
Luisteren naar God
Daniël bleef drie keer per dag bidden, ook toen het verboden was (Daniël 6:11). Zijn trouw aan God ging voor zijn positie.
Vraag voor jou
Waar vraagt jouw omgeving je om iets van je trouw aan God in te leveren?