Vrouwenvan God

Deel 2 · Vrouwen van God · Hoofdstuk 6

Gladys Aylward

de dienstmeid die zelf een kaartje kocht

1902-1970Yangcheng, China

In 1958 liepen er Chinese kinderen over de bergen van Snowdonia, in Noord-Wales. Ze kwamen uit Liverpool, uit een van de grootste Chinese gemeenschappen van Europa. Ze liepen op blote voeten, en de lappen om hun voeten waren rood geverfd, alsof ze bloedden. Een filmploeg van 20th Century Fox filmde hen. Voor de camera speelden ze weeskinderen op de vlucht voor het Japanse leger, ergens in het noorden van China. De hoofdrol was voor de Zweedse filmster Ingrid Bergman.

De film heette The Inn of the Sixth Happiness. Hij werd een succes. De vrouw over wie hij ging, zat op dat moment duizenden kilometers verderop, in Hongkong en Taiwan, tussen vluchtelingen en weeskinderen. Toen ze hoorde wat ervan gemaakt was, was ze woedend. Volgens een filmhistorische bron noemde ze het verhaal “een stel leugens” (vrij vertaald).

Ze heette Gladys Aylward. Ze was een kleine vrouw uit Noord-Londen, dienstmeid van beroep, afgewezen door het zendingsgenootschap waar ze zich had aangemeld. Ze ging toch naar China, op eigen kosten, met de trein. Ze werd er Chinees staatsburger. De Chinezen noemden haar Ai-weh-deh, de deugdzame. Ze stierf in 1970 in Taiwan, nog altijd tussen kinderen die niemand anders had.

Om haar te leren kennen moet je de film even vergeten. Haar eigen verhaal begint in Edmonton.

EEN POSTBODE, EEN DIENSTMEID EN EEN LAND VER WEG

Gladys May Aylward werd geboren op 24 februari 1902 in Edmonton, een arbeiderswijk aan de noordkant van Londen. Haar vader, Thomas John Aylward, was postbode. Ook haar moeder, Rosina Florence, werkte voor de Post. Rond haar veertiende ging Gladys van school. Ze werd dienstmeid, en later parlourmaid: de meid die in een rijk huis de deur opendeed en aan tafel bediende.

Ergens rond haar twintigste kwam Gladys tot geloof, op een opwekkingsbijeenkomst. Het jaartal verschilt per bron. Sommigen noemen 1920, anderen haar midden twintig. Wel zijn de bronnen het erover eens wat er daarna gebeurde. Ze las over China, over miljoenen mensen die nog nooit van Jezus hadden gehoord, en het liet haar niet meer los.

Er gaat een verhaal rond dat ze vrienden en familie probeerde warm te maken voor zending in China, tot haar broer Lawrence zei dat ze dan zelf maar moest gaan. Het verhaal klinkt waar, maar ik heb er geen bron uit haar eigen tijd voor gevonden.

TE OUD OM CHINEES TE LEREN

In 1928 of 1929 meldde ze zich bij de China Inland Mission in Londen. Dat was een groot protestants zendingsgenootschap dat mannen en vrouwen naar het binnenland van China stuurde. Wie mee wilde, moest eerst een opleiding doorlopen.

Gladys kreeg een voorbereidende cursus van drie maanden. Ze kwam nauwelijks vooruit met het Chinees en de lessen. Daarna werd ze niet verder opgeleid. Volgens het naslagwerk Women in World History prees de voorzitter van de commissie haar oprechtheid en haar moed. Maar hij vond haar te jong in christelijke ervaring en opleiding, en te oud om nog Chinees te leren. Ze was zesentwintig.

Hoe ga je om met zo’n nee? Gladys ging door met het werk dat ze kende, als dienstmeid, en begon te sparen. Een bootreis naar China kon ze niet betalen. Een treinkaartje dwars door Europa en Rusland was goedkoper.

Het is goed om te zien wat de commissie wel en niet beoordeelde. Ze keek naar talen, naar scholing en naar wat een kandidaat zou kunnen volhouden in een vreemd land. Op die punten scoorde Gladys slecht. Wat geen formulier kon meten, was hoe hardnekkig deze kleine vrouw was.

EEN TREIN DOOR EEN OORLOG

In oktober 1930 vertrok ze vanaf het station Liverpool Street in Londen. Women in World History noemt 18 oktober, andere bronnen 15 oktober. In een aantal latere boeken en artikelen staat 1932, en ook de archiefbeschrijving van de SOAS-bibliotheek in Londen noemt 1932, met een vraagteken. Haar eigen grafsteen in Taiwan zegt dat ze in 1930 naar China kwam. Ik houd het daarom op 1930.

Ze ging naar een oudere zendelinge die ze nooit had ontmoet: Jeannie Lawson, een weduwe van drieënzeventig die in het binnenland van China werkte.

De reis ging met de Trans-Siberische spoorlijn naar het oosten. Aan het eind van die lijn liep ze vast in een gewapend grensconflict tussen de Sovjet-Unie en China. Ze werd door de Russen vastgehouden. Met hulp van mensen ter plaatse kwam ze weg, met een Japans schip. In Japan hielp de Britse consul haar verder, en met een volgende boot bereikte ze China, in Tientsin, het huidige Tianjin. Volgens een Brits christelijk nieuwsblad duurde de hele tocht ongeveer vijf en een halve week.

Over de details van die reis gaan sterke verhalen rond: een paspoort dat werd afgepakt, een pondbriefje als steekpenning, een sprong op een vertrekkende boot. Ze komen uit later opgeschreven versies van haar verhaal. Niemand anders was erbij.

DE HERBERG VAN DE ACHT GELUKEN

Vanuit Tientsin reisde ze naar het zuiden van de provincie Shanxi, in het noorden van China. Het laatste stuk, van de stad Tsehchow (nu Zezhou) naar het bergstadje Yangcheng, kostte bijna twee dagen in een draagstoel op muilezels. Yangcheng hoort nu bij de stad Jincheng. De oude muilezelweg naar het stadje is er nog.

China was in die jaren een republiek, maar een verdeelde. De regering van Chiang Kai-shek vocht tegen de communisten. In de bergdorpen kregen meisjes nog ingebonden voeten, een eeuwenoud gebruik waarbij de voeten van jonge meisjes klein werden gehouden. De regering had het verboden.

Jeannie Lawson had in Yangcheng een plan. Het stadje lag aan een route waarover karavanen met muilezels trokken. Samen met Gladys maakte ze van een oud gebouw een herberg voor de muilezeldrijvers. Ze noemden haar de Herberg van de Acht Geluken, naar acht deugden, waaronder liefde, trouw en waarheid. ’s Avonds vertelden ze de gasten verhalen uit de Bijbel. Zo hoorden mannen die door het hele gebied reisden over Jezus, en ze namen de verhalen mee.

Het samenwerken ging niet altijd vanzelf. Volgens een Amerikaanse biografische schets vertrok Gladys na een paar maanden van conflict, en kwam ze terug toen Lawson ziek werd. Rond een jaar na haar komst viel Jeannie Lawson en overleed ze aan de gevolgen. Een van de bronnen noemt 1931. Gladys stond er toen alleen voor, in een stadje waar ze de taal nog maar half sprak.

VOETINSPECTEUR VAN YANGCHENG

De taal leerde ze van de muilezeldrijvers. Het werd het ruwe plaatselijke Chinees van Shanxi, geen schoolboekentaal. Wie haar in Londen had afgewezen omdat ze te oud was om Chinees te leren, had zich vergist.

Toen kwam er een verzoek van de mandarijn van Yangcheng, de hoogste ambtenaar van het district. Iemand moest in de dorpen gaan controleren of het verbod op het binden van voeten werd nageleefd. Hij vroeg Gladys. Ze werd de voetinspecteur van het district.

Volgens een later artikel stelde ze een voorwaarde: dat ze in de dorpen ook over Jezus mocht vertellen. Dat detail heb ik maar in één bron gevonden. Vast staat dat ze dorp na dorp bezocht, verbanden losmaakte en tegelijk haar verhalen vertelde.

Er zijn meer verhalen uit deze jaren. De mandarijn riep haar te hulp bij een opstand in de gevangenis, en volgens het bekende verhaal bracht zij de mannen tot rust. Daarna pleitte ze voor betere omstandigheden voor gevangenen. Ze nam weeskinderen in huis. Het bekendste is een meisje dat aan haar lot was overgelaten en dat ze voor een paar muntjes overnam. Ze noemde haar Ninepence, naar het bedrag. De gebeurtenissen zelf worden in veel bronnen genoemd. De levendige bijzonderheden komen vooral uit het boek van Alan Burgess, dat later aan bod komt.

AI-WEH-DEH

In 1936 werd Gladys Aylward Chinees staatsburger. Ze gaf haar Britse paspoort op. Dat jaar staat in de meeste bronnen. Een christelijk nieuwsblad noemt 1937, en op haar grafsteen staat 1941. Misschien hoort dat laatste bij een latere formaliteit. Ik weet het niet.

Voor een westerse zendeling in die tijd was dit een opvallende stap. De meeste zendelingen bleven onder de bescherming van hun eigen land, met een consul die kon ingrijpen als het misging. Gladys koos ervoor om te horen bij de mensen tussen wie ze woonde.

De mensen in Yangcheng gaven haar een naam: Ai-weh-deh, in het Chinees 艾偉德. Het lijkt in klank op Aylward en betekent de deugdzame. In het archief van de SOAS-bibliotheek in Londen liggen nog brieven aan vrienden en familie vanaf 1936, foto’s uit mei 1936 en een Chinese jurk. Wie die stukken ziet, ziet een Engelse vrouw die Chinees was geworden.

EEN PRIJS OP HAAR HOOFD

Eind jaren dertig viel het Japanse leger Shanxi binnen. In de lente van 1938 werd Yangcheng door Japanse vliegtuigen gebombardeerd. Volgens een christelijk nieuwsblad raakte Gladys bij een bombardement gewond.

Gladys koos partij. Volgens verschillende verhalen gaf ze informatie over Japanse troepenbewegingen door aan het Chinese leger. Dat zorgde voor spanning met andere zendelingen. In het nabijgelegen Tsehchow werkten de Welse zendelingen David en Jean Davies. David vond dat zendelingen strikt neutraal moesten blijven, om hun werk en hun mensen niet in gevaar te brengen. Gladys zag zichzelf niet als buitenlander. China was haar land, en ze vond het haar plicht om het te helpen.

Wie had er gelijk? Ik denk dat het eerlijke antwoord is dat beide houdingen iets kosten. Neutraliteit beschermde de zendingsposten. Partij kiezen maakte Gladys tot doelwit. Volgens het verhaal van haar biograaf verspreidden de Japanners een pamflet met een beloning van honderd dollar voor haar gevangenneming, samen met de mandarijn en een bekende koopman.

Uit dezelfde tijd stamt een kort briefje dat ze zou hebben geschreven aan een Chinese generaal die haar aanraadde om met zijn troepen mee terug te trekken. Haar antwoord: “Christenen trekken zich nooit terug” (vrij vertaald). Ze bleef. Maar met de kinderen kon ze niet blijven.

HONDERD KINDEREN EN EEN RIVIER

Ze besloot de weeskinderen naar het westen te brengen, naar Sian, het huidige Xi’an, in de provincie Shaanxi. Daar was een weeshuis van de regering, buiten het bereik van het Japanse leger. Het waren er ongeveer honderd. Hoe oud ze precies waren, vertellen de bronnen niet.

Wanneer was dit? Hier spreken de bronnen elkaar tegen. Een aantal noemt 1938. Women in World History, de archiefbeschrijving van SOAS en de Boston University-databank van zendingsgeschiedenis noemen 1940. Volgens Women in World History bereikte de groep Sian eind april 1940. Ook over de duur verschillen ze: twaalf dagen volgens de ene, zevenentwintig volgens de andere. Dat er een groep van ongeveer honderd kinderen met haar over de bergen trok, staat in alle bronnen.

Ze liepen over de bergen, sliepen bij mensen die hen opvingen of buiten op de hellingen. Toen ze bij de Gele Rivier kwamen, lag het bootverkeer stil. Het leger had de boten in beslag genomen.

Wat er toen gebeurde, kennen we uit haar eigen verhaal, zoals Burgess het opschreef en zoals het later steeds opnieuw verteld werd. De kinderen vroegen waarom ze niet overstaken. Gladys zei dat er geen boten waren. De kinderen zeiden dat God alles kon, en dat ze Hem moest vragen om hen over te zetten. Ze knielden, baden en zongen. Een Chinese officier met een patrouille hoorde het zingen, kwam erop af en zei dat hij wel een boot voor hen kon regelen. Ze staken over.

Of het zo ging, kan niemand meer controleren. Een rivier, honderd kinderen, een officier die zingen hoort: het is het soort verhaal dat in de bediening van Gladys steeds terugkwam. Ze rekende op God op momenten dat er niets meer te regelen viel.

Na de rivier ging de tocht verder, deels met kolentreinen. Na Sian ging de groep door naar een weeshuis in Fufeng. Daar stortte Gladys in. Ze had tyfus, was uitgeput en ondervoed. Weken lag ze in het ziekenhuis in Sian, onder de zorg van twee Engelse zendelingen. Ze herstelde, maar haar gezondheid werd nooit meer zoals vroeger.

Daarna bleef ze in China. In 1944 werkte ze in Tsingsui, in 1945 in Chengdu in de provincie Sichuan, als bijbelvrouw bij een Chinees seminarie. Een bijbelvrouw was in de protestantse zending een vrouw die huisbezoeken deed en vrouwen Bijbelonderwijs gaf. Volgens een andere bron werkte ze ook in een leprozenkolonie in Sichuan.

Rond het eind van de jaren veertig keerde ze terug naar Engeland, voor een operatie. Het jaartal verschilt weer: sommige bronnen noemen 1947, andere het voorjaar van 1949, toen familie het geld voor haar reis bij elkaar had gebracht. Kort daarna namen de communisten de macht in China over, en voor buitenlandse zendelingen ging het land dicht. Gladys was na bijna twintig jaar terug in het land waar ze geboren was, en het land waar ze thuis was, kon ze niet meer in.

DE KLEINE VROUW VAN DE BBC

In Engeland ontmoette ze Alan Burgess, een schrijver die voor de BBC werkte. Hij maakte een hoorspel over haar, en in 1957 verscheen zijn boek The Small Woman, de kleine vrouw. Het werd geschreven met haar medewerking, en het werd een bestseller.

Het boek is de bron van bijna alle levendige verhalen over haar. Dat moet je weten als je het leest. Burgess was een goede verteller, en goede vertellers kleuren in. Een Brit die in 2006 naar Yangcheng reisde met het boek in de hand, zocht de diepe afgrond die Burgess aan de zuidkant van het stadje beschreef. Hij vond hem niet. Volgens hem had Burgess hier en daar overdreven.

Gladys zelf werd er beroemd door, wat ze niet zocht. Volgens een biografische schets op een Amerikaanse christelijke site gebeurde dat “tot haar ongemak” (vrij vertaald). Ze sprak in kerken en op scholen. In 1963 was ze te gast in het Britse televisieprogramma This Is Your Life. Ze werd ook ontvangen door koningin Elizabeth, en kwam in een Chinese jurk. Haar eigen versie van haar leven verscheen kort na haar dood, opgetekend door Christine Hunter, onder de titel Gladys Aylward: The Little Woman.

“EEN STEL LEUGENS”

Burgess verkocht de filmrechten. Volgens Women in World History had Gladys zelf een overeenkomst met 20th Century Fox getekend. Wat er van haar leven gemaakt werd, wist ze niet. Ze zei later dat ze nooit een definitief script had gekregen.

De film week op veel punten af. Ingrid Bergman was een lange, blonde Zweedse. Gladys was klein, had donker haar en sprak met een Londens accent. De film maakte er een liefdesgeschiedenis van tussen haar en een Chinese officier, kolonel Lin Nan, gespeeld door de Oostenrijker Curd Jürgens. Hij werd neergezet als half Europees. Gladys vond dat een belediging voor de echte man en zijn Chinese afkomst. Ze had nooit een romance met een kolonel gehad, zei ze, en ze had nog nooit een man gekust. Haar reis door Rusland werd teruggebracht tot een paar onbeschofte soldaten. Aan het eind van de film vertrekt de hoofdpersoon bij de kinderen om haar kolonel te volgen. De echte Gladys bleef bij de weeskinderen tot het eind van haar leven.

Ook haar geloof verdween grotendeels uit beeld. De studio wilde haar aan geen enkele kerk verbinden. In de film staat Bergman nooit in een kerk en geeft ze geen godsdienstles. Volgens Bergman zelf werd een scène waarin Gladys bidt uit de film geknipt.

Gladys vond dat haar werk werd goedkoop gemaakt en dat de gebeurtenissen werden verdraaid. Ze voelde zich bezoedeld door de film, zo vertelt een filmhistorische bron. Ze schreef brieven aan de pers, maar ze stapte nooit naar de rechter. Ze heeft er volgens een christelijk blad ook geen geld aan verdiend. Waarschijnlijk heeft ze de film zelf nooit gezien.

Ik vind het belangrijk om dit verschil helder te houden. Veel mensen kennen Gladys Aylward van de film. Maar de vrouw die je daar ziet, met een liefdesverhaal en zonder gebed, heeft nooit bestaan. Het echte verhaal staat in het boek van Burgess, met zijn kleuringen, en in wat ze zelf vertelde. En het leven ging na 1958 nog twaalf jaar door.

HONGKONG, TAIWAN EN DE KINDEREN

In april 1957 voer ze met het schip de Chusan van Londen naar Hongkong. Ze was vijfenvijftig. Ze werkte er onder vluchtelingen van het Chinese vasteland en hielp een opvang voor hen opzetten. Blijven mocht ze niet. Ze was geen Brits onderdaan meer, en Hongkong was een Britse kolonie.

Ze vertrok naar Taiwan, het eiland waar de regering van Chiang Kai-shek zich na 1949 had gevestigd. De bronnen noemen 1957 of 1958. In Taipei begon ze een weeshuis, het Gladys Aylward Children’s Home. Ze nam er opnieuw kinderen in huis, en werkte met vluchtelingen. Het werk bestaat nog altijd, onder de naam Bethany Children’s Home.

Ze was nu een vrouw van in de zestig, met een gezondheid die door de oorlog was aangetast. Ze bleef reizen om geld en aandacht te vragen, en kwam in 1963 nog naar Engeland. Daarna ging ze terug naar Taipei.

EEN TARWEKORREL IN TAIWAN

Gladys Aylward stierf in januari 1970 in Taipei. De meeste bronnen noemen 3 januari, Women in World History noemt 2 januari en griep als oorzaak. Ze was zevenenzestig. In Londen werd kort daarna een school in Edmonton naar haar genoemd.

Ze werd begraven op de begraafplaats van Christ’s College in Guandu, aan de rand van Taipei, op een helling. Op haar grafsteen staat dat ze in 1930 naar China kwam om het evangelie te verkondigen. Er staat ook een tekst uit het evangelie naar Johannes: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Als de tarwekorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft hij alleen, maar als hij sterft, draagt hij veel vrucht. (Johannes 12:24)

Misschien ben jij ooit afgewezen voor iets waarvan je dacht dat God je ervoor riep. Gladys Aylward kreeg in Londen te horen dat ze te oud was en te weinig had geleerd. Ze kocht een treinkaartje. Haar graf ligt op een helling in Taiwan, met de tarwekorrel in de steen.

Dossier

Wat vaststaat en wat verteld wordt

Vaststaat (meerdere onafhankelijke bronnen): geboorte op 24 februari 1902 in Edmonton, Londen; werk als dienstmeid; afwijzing door de China Inland Mission na een proefcursus (1928 of 1929); zelfstandige reis per trein via Siberië naar China, vertrek in oktober 1930; samenwerking met Jeannie Lawson in een herberg voor muilezeldrijvers in Yangcheng (Shanxi) en Lawsons dood kort daarna; aanstelling als voetinspecteur door de mandarijn; Chinees staatsburgerschap (meestal 1936 genoemd); de naam Ai-weh-deh; de tocht met ongeveer honderd weeskinderen over de bergen en de Gele Rivier naar Sian; tyfus na aankomst; terugkeer naar Engeland eind jaren veertig; het boek The Small Woman van Alan Burgess (1957); de film van 20th Century Fox (1958) met Ingrid Bergman, opgenomen in Engeland en Wales, en haar bezwaren ertegen (liefdesscènes, de half-Europese kolonel, verdraaide gebeurtenissen); werk in Hongkong en het weeshuis in Taiwan; overlijden in Taipei in januari 1970; begraven bij Christ’s College in Guandu, met Johannes 12:24 op haar grafsteen.

Alleen uit eigen getuigenis of latere overlevering (vooral Burgess): de opmerking van haar broer Lawrence; de details van haar ontsnapping in Rusland; de voorwaarde dat ze als voetinspecteur over Jezus mocht vertellen; de details van de gevangenisopstand en van Ninepence; het briefje “Christenen trekken zich nooit terug”; het Japanse pamflet met honderd dollar beloning; het gebed en het zingen bij de Gele Rivier en de officier die een boot regelde; haar spionagewerk voor het Chinese leger; de ontmoeting met koningin Elizabeth.

Onbevestigd of betwist: het jaar van vertrek (1930 volgens de meeste bronnen en haar grafsteen, 1932 in andere); het jaar van de tocht (1938 of 1940) en de duur (twaalf of zevenentwintig dagen); het jaar van haar staatsburgerschap (1936, 1937 of 1941); het jaar van terugkeer naar Engeland (1947 of 1949); het jaar van vestiging in Taiwan (1957 of 1958); haar sterfdatum (2 of 3 januari 1970); of ze de film ooit heeft gezien.

Duiding: de film The Inn of the Sixth Happiness is geen bron voor haar leven. Het boek van Burgess is met haar medewerking geschreven, maar ook daarin is het een en ander aangedikt.

Bronnen bij dit hoofdstuk

  1. Women in World History, “Aylward, Gladys (1902-1970)” (via Encyclopedia.com)
  2. SOAS Library, archiefbeschrijving MS 291571, Gladys Aylward
  3. SOAS Archives blog, “Gladys Aylward”
  4. Boston University, History of Missiology, “Aylward, Gladys (1902-1970)”
  5. Gwulo: Old Hong Kong, “Gladys May Aylward”
  6. CJVLang, “Yangcheng and the Inn of the Eight Happinesses”
  7. Evangelical Times, “Gladys Aylward (1902-1970)”
  8. The Anglican Domain, “Gladys Aylward, Missionary to China”
  9. Christian Today, “How a little woman from London was used by God in extraordinary ways in China”
  10. Ligonier Ministries, “Who Was Gladys Aylward?” (2023)
  11. Sydney Missionary and Bible College, “Gladys Aylward: The Small Woman with a Big God”
  12. Turner Classic Movies, “The Inn of the Sixth Happiness”
  13. Find a Grave, Gladys Aylward
  14. Christ’s College Taiwan, bibliotheek, schoolgeschiedenis en begraafplaats
  15. Wikipedia, “Gladys Aylward” (startpunt)
Liever het hele boek?PDF downloadenE-book (EPUB)Over dit deel