Uit allevolken

Deel 2 · Uit alle volken · Hoofdstuk 1

Samuel Ajayi Crowther

de jongen van het slavenschip die bisschop werd

ca. 1807-1891Nigeria

Op 21 augustus 1846 kwam er in Abeokuta, in het westen van het huidige Nigeria, een oudere vrouw met een van haar zonen naar de zendelingen toe. Ze zocht haar andere kind. Ze had hem ongeveer vijfentwintig jaar niet gezien. Toen ze hem was kwijtgeraakt, was hij een jongen van een jaar of dertien. Nu was hij een anglicaanse predikant met een Engelse naam.

Hij schreef in zijn dagboek wat er gebeurde. Ze pakte zijn hand vast en beefde. “Ze beefde toen ze mijn hand vasthield”, noteerde hij, vrij vertaald. Ze zeiden weinig. Ze zaten stil naast elkaar en keken elkaar aan.

De man heette Samuel Ajayi Crowther. Hij was als kind gevangengenomen en verkocht, en door een Brits oorlogsschip bevrijd. Hij werd de eerste Afrikaanse bisschop van de anglicaanse kerk in de moderne tijd. Hij vertaalde grote delen van de Bijbel in het Yoruba, zijn moedertaal, en voer jaar na jaar de rivier de Niger op om nieuwe gemeenten te stichten. Aan het eind van zijn leven werd zijn werk door jonge Europese zendelingen uit handen genomen. De Britse historicus Andrew Walls noemde hem waarschijnlijk de bekendste Afrikaanse christen van de negentiende eeuw.

De vrouw in Abeokuta heette Afala. Een paar jaar later zou ze zich laten dopen, onder de naam Hannah. Om te begrijpen waarom dat weerzien zoveel betekende, moeten we terug naar een dorp dat Osogun heette.

DE DAG DAT OSOGUN BRANDDE

Ajayi werd rond 1807 geboren in Osogun, een stadje in Yorubaland. De plek ligt in de buurt van het huidige Ado-Awaye, in de Nigeriaanse deelstaat Oyo. Het precieze jaar weet niemand. Andrew Walls houdt het op ongeveer 1807, andere bronnen noemen 1809 of 1810.

De Yoruba waren een groot volk met eigen koninkrijken, steden en markten. In die jaren viel het machtige rijk van Oyo uiteen. Overal in het land werd oorlog gevoerd, en oorlog betekende gevangenen. Wie gevangen werd, kon worden verkocht. Aan de kust stonden Europese handelaren klaar, vooral Portugezen, om mensen te kopen voor de plantages aan de andere kant van de oceaan.

Rond 1821 werd Osogun overvallen. Volgens Walls waren de aanvallers Fulani en moslims uit Oyo. Ajayi werd gevangengenomen, samen met zijn moeder en zijn zusters. Hij schreef later twee keer over die dag. Een van zijn zinnen is bewaard gebleven: het was “het droevigste toneel dat je je kunt voorstellen”, vrij vertaald.

Wat er daarna gebeurde, kennen we in grote lijnen. De jongen werd van zijn familie gescheiden en wisselde zes keer van eigenaar. Een Nigeriaanse biografie vertelt dat hij ergens onderweg werd geruild tegen een paard. Uiteindelijk belandde hij op de slavenmarkt van Lagos en werd hij verkocht aan Portugese handelaren.

EEN SCHIP DAT NOOIT AANKWAM

In april 1822 lag het Portugese schip voor de kust, klaar om te vertrekken. Volgens Christian History heette het Esperanza Felix. Het kwam nooit aan.

Groot-Brittannië bestreed de slavenhandel met oorlogsschepen voor de Afrikaanse kust. Een van die schepen was de Myrmidon, onder kapitein Henry Leeke. Hij onderschepte het Portugese schip. Volgens een boek uit 1854 nam hij Ajayi en andere jongens aan boord en zette hij hen na een tocht van twee maanden in vrijheid aan land. Dat was in juni 1822, in Freetown, de hoofdstad van Sierra Leone.

In Sierra Leone, een Britse kolonie, zette de marine de bevrijde mensen aan land. De Church Missionary Society, de CMS, had er scholen. De CMS was een zendingsgenootschap van de Church of England, de anglicaanse kerk. Ajayi kwam op een van die scholen terecht.

Hij was dertien of veertien. Hij wist niet of zijn moeder nog leefde.

EEN NIEUWE NAAM

Op 11 december 1825 werd hij gedoopt door John Raban, een zendeling van de CMS. Hij kreeg de naam Samuel Crowther, naar een Engelse predikant die bij het genootschap betrokken was.

Hij leerde snel. Raban gebruikte hem als taalhulp en publiceerde tussen 1828 en 1830 drie boekjes over het Yoruba. Het was het begin van een levenswerk, al wist nog niemand dat.

In 1827 opende de CMS in Freetown een opleiding, het latere Fourah Bay College. Crowther was een van de eerste studenten. Volgens de kathedraal van Rochester begon hij er op eerste kerstdag 1827. Twee jaar later, op 21 september 1829, trouwde hij met Asano. Ook zij was van een slavenschip bevrijd. Bij haar doop kreeg ze de naam Susan Thompson. Ze zouden ongeveer vijftig jaar getrouwd blijven en kregen zes kinderen.

Crowther werd onderwijzer, en later docent aan de school waar hij zelf had gezeten.

MALARIA OP DE RIVIER

In 1841 vertrok vanuit Engeland een grote expeditie naar de Niger, de rivier die dwars door het huidige Nigeria stroomt. Het plan kwam van Thomas Fowell Buxton, een Britse politicus die tegen de slavernij streed. Zijn gedachte was dat christendom en eerlijke handel samen de slavenhandel konden vervangen. De CMS stuurde twee mannen mee: de Duitse zendeling J.F. Schön en Samuel Crowther.

De tocht werd een ramp. De meeste Europeanen kregen malaria, en ongeveer veertig van hen stierven. Crowther overleefde het. De leiders van de CMS zagen het verschil. Wie het evangelie in het binnenland van West-Afrika wilde brengen, zou Afrikanen nodig hebben.

Crowther werd naar Londen gestuurd voor een opleiding. Op 11 juni 1843 werd hij door de bisschop van Londen tot diaken gewijd, op 1 oktober van datzelfde jaar tot priester. Met zijn wijding begon, schrijft Walls, de eigen Afrikaanse predikantenstand van Sierra Leone. Datzelfde jaar verscheen zijn woordenlijst van het Yoruba. Christian History schrijft dat hij al snel in het Yoruba ging voorgaan in de liturgie, waarschijnlijk de eerste keer dat zo’n dienst in een Afrikaanse taal werd gehouden.

THUIS IN ABEOKUTA

In 1846 trok Crowther met de Engelse zendeling Henry Townsend naar Abeokuta. Abeokuta was de stad van de Egba, de groep Yoruba waar Crowther zelf bij hoorde. Op 3 augustus kwamen ze aan. Drie weken later stond zijn moeder voor hem.

Wat me raakt aan dat dagboekfragment, is hoe kaal het is. Geen grote woorden, geen gebed, geen uitleg. Een moeder die beeft en een zoon die zijn hand laat vasthouden. Ik denk dat Crowther wist dat er geen woorden waren voor wat er in die vijfentwintig jaar gebeurd was.

Zijn moeder en een van zijn zusters behoorden volgens Walls tot de eersten die in Abeokuta gedoopt werden. Volgens een andere bron gebeurde dat in 1848. Haar zoon was degene die haar het evangelie vertelde.

Heb jij ooit iemand teruggezien die je al had opgegeven? Dan weet je misschien iets van wat er die dag in Abeokuta gebeurde.

HET ONZE VADER IN WINDSOR

In 1851 reisde Crowther naar Londen om voor Abeokuta op te komen. Hij sprak met ministers, onder wie Lord Palmerston. Hij werd ontvangen door koningin Victoria en prins Albert. Een Nigeriaanse biografie vertelt dat hij hun het Onze Vader in het Yoruba voorbad. Henry Venn, de secretaris van de CMS, was ervan overtuigd dat Crowthers bezoek de Britse regering in beweging had gezet.

Venn werd de belangrijkste bondgenoot in zijn leven. Hij had een duidelijk doel. Zendingskerken moesten zo snel mogelijk op eigen benen staan. Ze moesten zichzelf besturen, zichzelf onderhouden en zelf het evangelie verder brengen. De zendeling hoorde daarna te vertrekken. Voor Venn was Crowther het bewijs dat het kon.

Ondertussen werkte Crowther door aan zijn vertaling. In 1852 verschenen een grammatica van het Yoruba en de vertalingen van Lukas, Handelingen, Jakobus en 1 Petrus. Hij werkte samen met een Afrikaanse collega, Thomas King. Walls wijst op een keuze die zijn tijd vooruit was. Het Yoruba is een toontaal: hetzelfde woord betekent iets anders als je het hoger of lager uitspreekt. Crowther wilde dat de vertaling die tonen aangaf. Zijn aanpak werd een voorbeeld voor latere Bijbelvertalingen in Afrika.

In 1862 brandde zijn huis af. Elf jaar aan aantekeningen en een deel van zijn vertaalde handschriften gingen in vlammen op. Hij begon opnieuw.

EEN ARABISCHE BIJBEL IN GBEBE

In 1854 ging Crowther opnieuw mee de Niger op, met een expeditie die door de Britse reder McGregor Laird werd betaald. Deze keer gebruikte de bemanning kinine tegen malaria, en volgens Christian History kwam niemand om.

In 1857 volgde de volgende tocht, met het schip de Dayspring. Venn gaf Crowther een opdracht: een zending langs de Niger, helemaal gedragen door Afrikanen. De meeste helpers kwamen uit Sierra Leone.

In Onitsha, in het land van de Igbo, kreeg de groep van de koning een stuk grond. De Afrikaanse predikant J.C. Taylor bleef er achter om de zending te beginnen. Verder stroomopwaarts, in Gbebe, gaf Crowther een Arabische Bijbel aan een van de leiders van de stad. Kort daarna liep de Dayspring bij Rabba op een rots en zonk. De groep trok over land verder.

Langs de middenloop van de Niger woonden veel moslims. Crowther ging niet met hen in debat om te winnen. Hij zocht naar wat Bijbel en Koran gemeen hadden, zoals de figuren die in beide boeken voorkomen. Walls beschrijft dat hij voorzichtig was met het uitdelen van Arabische Bijbels, omdat hij wist dat ze soms als amulet werden gebruikt. Hij schreef dat de Bijbel, “het zwaard van de Geest, zijn eigen strijd moet voeren”, vrij vertaald. Het beeld komt van Paulus: En neem de helm van de zaligheid en het zwaard van de Geest, dat is Gods Woord (Efeze 6:17).

“WILT U MIJ MIJN LAATSTE WENS WEIGEREN?”

In 1864 wilde Venn verder gaan. Hij vond dat de Afrikaanse kerk een Afrikaanse bisschop moest krijgen, en dat het Crowther moest worden. Crowther weigerde. Walls noemt hem een werkelijk nederige man. De kathedraal van Rochester vertelt dat hij zichzelf onwaardig noemde.

Over het gesprek tussen beide mannen gaat een uitspraak van Venn rond. Hij zou gezegd hebben: “Mijn zoon Samuel Ajayi, wilt u mij mijn laatste wens weigeren voordat ik sterf?”, vrij vertaald De zin staat in latere biografieën. Een verslag uit 1864 heb ik er niet bij gevonden.

Niet iedereen was enthousiast. Henry Townsend, de zendeling met wie Crowther naar Abeokuta was gegaan, verzette zich tegen een Afrikaanse bisschop. Venn zette door.

Op 29 juni 1864 werd Samuel Ajayi Crowther in de kathedraal van Canterbury door aartsbisschop Charles Longley tot bisschop gewijd. Een bron uit Rochester noemt 24 juni, de meeste andere 29 juni. Zijn titel was bisschop van de landen van West-Afrika buiten het gebied van de Britse koningin. Hij werd gezonden naar volken waar Groot-Brittannië nog geen gezag had. De universiteit van Oxford gaf hem datzelfde jaar een eredoctoraat in de theologie.

Een man die als kind zes keer was verkocht, stond nu in een van de oudste kerken van Engeland, met de handen van de aartsbisschop op zijn hoofd.

BONNY EN DE RIVIER

Als bisschop reisde Crowther steeds weer de Niger op en af. Zijn bisdom had geen grenzen op een kaart. Het bestond uit posten aan de rivier en in de delta, elk met een paar Afrikaanse predikanten, catechisten en onderwijzers.

Een belangrijke plek werd Bonny, een handelsstad in de Nigerdelta. Volgens een Nigeriaanse biografie zworen de leiders van Bonny op Paasdag 1867 hun afgoden af. Dezelfde bron vertelt dat een jonge christen, Joshua Hart, in Bonny werd gedood omdat hij weigerde aan de oude rituelen mee te doen. Walls noemt Bonny als een van de belangrijkste plaatsen van zijn werk, zonder die details.

Datzelfde jaar werd Crowther volgens die biografie met zijn zoon Dandeson een aantal dagen vastgehouden door een plaatselijke leider die losgeld eiste. Ik heb dat verhaal maar in één bron gevonden.

Zijn zoon Dandeson werd in 1870 tot priester gewijd en later aartsdiaken van de delta. In 1878 kreeg de bisschop van de CMS een eigen schip, dat de naam Henry Venn droeg. In 1880 eerde de Royal Geographical Society hem met een gouden horloge voor zijn onderzoek langs de Niger. Hij schreef het eerste boek over de Igbo-taal en werkte aan het Nupe.

Op 19 oktober 1880 stierf Susan, na ongeveer vijftig jaar huwelijk.

EEN COMMISSIE DIE HIJ NIET MOCHT LEZEN

Henry Venn was overleden. In Londen kwamen andere mensen aan het roer, met andere ideeën. Walls wijst op een verandering in het zendingsbeleid en in het denken over ras.

Er kwamen klachten over het gedrag van sommige Afrikaanse medewerkers in de Nigerzending. Een deel van die klachten was terecht. Crowther had zelf al jaren gewaarschuwd dat veel van zijn helpers geen goede opleiding hadden en dat hij geen middelen had om hen te begeleiden. In 1881 sprak hij op Madeira met afgevaardigden van de CMS. De zeggenschap over het geld van de zending ging naar een commissie. Er kwam een onderzoek naar zijn medewerkers. Volgens Christian History en een Afrikaans biografisch woordenboek kreeg Crowther het rapport niet te zien voordat het naar Londen ging. In 1883 werden de eerste Afrikaanse medewerkers ontslagen.

Eerlijkheid vraagt ook dit: volgens de Nigeriaanse kerkhistoricus F. Anyika steunde Crowther in die jaren de komst van Europese zendelingen en strenger toezicht.

ONITSHA, 1890

In 1887 werd John Alfred Robinson secretaris van de CMS voor de Niger. In 1889 kwam hij onder invloed van Graham Wilmot Brooke, een jonge Engelsman met grote idealen. Brooke was ongeveer vijfentwintig toen de CMS hem de leiding gaf over een groep nieuwe zendelingen. Begin 1890 vertrokken ze naar de Niger.

Deze jonge mannen wilden een zuivere kerk. Ze zagen zonde waar zij die meenden te zien, en ze hadden weinig oog voor cultuur en leeftijd, schrijft de historicus Peter Williams. Het kwam in 1890 tot een confrontatie in Onitsha, met de bisschop en de leidende Afrikaanse predikanten. Robinson schreef een rapport dat het Dictionary of African Christian Biography hard en eenzijdig noemt. In augustus 1890 ontsloeg of schorste de nieuwe secretaris, F.N. Eden, een reeks Afrikaanse predikanten. Ook Dandeson werd geschorst.

Crowther was ruim tachtig. Hij nam in 1890 uit protest ontslag, schrijven Brockman en de kathedraal van Rochester. Welke functies hij precies neerlegde, verschilt per bron. Wat er in Onitsha precies gezegd werd, heb ik in de bronnen die ik las niet gevonden. Vast staat dat het werk van een leven in korte tijd uit zijn handen werd genomen.

Ik wil hier niet de ene groep heilig en de andere slecht maken. Brooke was jong en kreeg een taak die te groot voor hem was, schrijft Williams, en hij legt een groot deel van de schuld bij de CMS in Londen. Robinson stierf in 1891 in Lokoja aan hersenvliesontsteking, Brooke kort daarna aan zwartwaterkoorts. Een van de jonge zendelingen uit die groep, H.H. Dobinson, kreeg later spijt van zijn haastige oordelen, schrijft Walls.

Wat zou jij doen als je levenswerk wordt overgenomen door mensen die je kleinkinderen hadden kunnen zijn?

DE LAATSTE DAG VAN HET JAAR

Volgens de Nigeriaanse biograaf Owodayo schreef Crowther op 8 mei 1891 een plan voor een zelfstandige kerk in de Nigerdelta. In september 1891 kreeg hij een beroerte. Hij kon daarna moeilijk bewegen en spreken.

Hij stierf op 31 december 1891 in Lagos. Walls beschrijft hem in die laatste maanden als een man die verlaten en gebroken was. Op 1 januari 1892 werd hij begraven. De begrafenis werd druk bezocht.

Hij kreeg een Engelse opvolger, Joseph Sidney Hill, die eind 1893 in Nigeria aankwam.

In april 1892 besloten de gemeenten in de Nigerdelta niet mee te gaan met de Europese overname. Onder leiding van Dandeson Crowther gingen ze verder als de Niger Delta Pastorate, een kerk die zichzelf bestuurde en onderhield, buiten de CMS. Het was precies wat Henry Venn ooit voor ogen had gehad. Walls schrijft dat de manier waarop Crowther aan de kant was gezet, een rol speelde bij het ontstaan van de onafhankelijke Afrikaanse kerken die later overal in West-Afrika opkwamen.

GEBEDEN IN CANTERBURY

In juli 2014 werd in de kathedraal van Canterbury een dienst gehouden, honderdvijftig jaar na zijn wijding. Er werd gedankt voor zijn leven, en er werd gebeden om vergeving. De aartsbisschop van Canterbury noemde hem in zijn preek de apostel van Nigeria, een man die door zijn eigen kerk was “verraden, in de steek gelaten en ondermijnd”, vrij vertaald.

Ik denk vaak aan de jongen op dat Portugese schip. Hij was op weg naar de andere kant van de oceaan. Toen kwam er een ander schip. Hij werd bevrijd, kreeg een nieuwe naam en leerde lezen. Later vertaalde hij voor zijn eigen volk de woorden van Jezus, met de tonen erbij, zodat ze ze konden horen zoals ze bedoeld waren.

Zijn vertaling bleek blijvend, schrijft Walls. In Abeokuta zat ooit een moeder naast haar zoon. Ze zeiden niets. Ze hield zijn hand vast.

Dossier

Wat vaststaat en wat verteld wordt

Vaststaat (meerdere onafhankelijke bronnen): geboorte in Osogun in Yorubaland, rond 1807 tot 1810; gevangenneming rond 1821 en zes keer van eigenaar gewisseld; bevrijding door de Britse marine in april 1822 (Myrmidon, kapitein Henry Leeke) en aankomst in Sierra Leone; doop op 11 december 1825 door John Raban; een van de eerste studenten van Fourah Bay; huwelijk met Asano (Susan Thompson); Niger-expeditie van 1841; wijding tot diaken en priester in 1843; aankomst in Abeokuta in 1846 en weerzien met zijn moeder; bezoek aan koningin Victoria in 1851; vertaalwerk in het Yoruba met tonen; expedities van 1854 en 1857; bisschopswijding in Canterbury in 1864; verzet van Henry Townsend; het overnemen van de Nigerzending door Europese zendelingen en de confrontatie in Onitsha in 1890; zijn terugtreden in 1890; beroerte en dood op 31 december 1891 in Lagos; Engelse opvolger; de Niger Delta Pastorate vanaf 1892; de dienst in Canterbury in 2014.

Alleen uit eigen getuigenis of latere overlevering: zijn eigen verslag van de overval; de woorden uit zijn dagboek over het weerzien met zijn moeder; de ruil tegen een paard; het Onze Vader in het Yoruba voor de koningin; de uitspraak van Venn over zijn “laatste wens”; de bekering van de leiders van Bonny op Paasdag 1867 en de dood van Joshua Hart; de gijzeling van 1867; het plan van 8 mei 1891.

Onbevestigd: het precieze geboortejaar; de naam van het slavenschip (Esperanza Felix, één bron); de datum van de wijding (29 juni volgens de meeste bronnen, 24 juni volgens Rochester); wanneer de volledige Yoruba-Bijbel verscheen; wat er in Onitsha in 1890 precies gezegd werd.

Duiding: historici verschillen over het gewicht van de klachten tegen Crowthers medewerkers. Een deel was terecht, en Crowther gaf zelf toe dat zijn helpers te weinig opleiding hadden. Dat de jonge zendelingen hem buitenspel zetten en dat raciale denkbeelden daarbij meespeelden, wordt breed erkend, ook door de anglicaanse kerk zelf.

Bronnen bij dit hoofdstuk

  1. Andrew F. Walls, “Crowther, Samuel Adjai (or Ajayi)”, Boston University History of Missiology
  2. Andrew F. Walls, “Samuel Ajayi Crowther 1807-1891: Foremost African Christian of the Nineteenth Century”, Dictionary of African Christian Biography
  3. Andrew F. Walls, Dictionary of African Christian Biography (uit Biographical Dictionary of Christian Missions)
  4. Mark R. Lipschutz en R. Kent Rasmussen, Dictionary of African Christian Biography
  5. CMS Register of Missionaries, Dictionary of African Christian Biography
  6. M.O. Owodayo, “Crowther, Samuel Ajayi”, Dictionary of African Christian Biography
  7. Norbert C. Brockman, Dictionary of African Christian Biography
  8. Ted Olsen, “Bishop Before His Time”, Christian History 79 (2003)
  9. Jesse Page, Samuel Crowther: The Slave Boy Who Became Bishop of the Niger, hoofdstuk 6 (Project Canterbury)
  10. Jesse Page, idem, hoofdstuk 8 (Project Canterbury)
  11. Jesse Page, idem, hoofdstuk 12 (Project Canterbury)
  12. Sarah Tucker, Abbeokuta; or Sunrise within the Tropics (1854), Project Canterbury
  13. Rochester Cathedral, “Bishop Samuel Adjai Crowther”
  14. Peter Williams, “Brooke, Graham Wilmot”, Dictionary of African Christian Biography
  15. “Robinson, John Alfred”, Dictionary of African Christian Biography
  16. “Crowther, Dandeson Coates”, Dictionary of African Christian Biography
  17. F. Anyika, “Prelude to White Domination of the C.M.S. Niger Mission”, Africa Journal of Evangelical Theology
  18. Anglican Communion News Service, “Canterbury remembers Crowther”, 4 juli 2014
Liever het hele boek?PDF downloadenE-book (EPUB)Over dit deel