Deel 1 · Uit alle volken
Nawoord
Een Javaan op een stoel van gelijke hoogte. Een vrouw met ossenkarren in de hongerjaren. Een profeet op blote voeten. Een slavin die in Venetië haar vrijheid kreeg. Een ouderling die bad voordat het licht werd. Een sadhoe die de bergen in liep en niet terugkwam. Een doctor die zijn diploma’s in zee gooide. Een aartsbisschop die bleef staan.
Ze kenden elkaar niet. Ze spraken andere talen, hoorden bij andere kerken en leefden in andere eeuwen. Wat ze deelden, was dat ze het geloof niet als iets van buitenlanders zagen. Ze maakten het tot hun eigen zaak, in hun eigen taal en in hun eigen land, en betaalden daar vaak een prijs voor.
Bij een paar van hen weten we minder dan we zouden willen. Soms zijn de bronnen schaars, soms hebben latere bewonderaars het verhaal mooier gemaakt dan het was. Ik heb geprobeerd daar eerlijk over te zijn. Wat overblijft, is nog steeds genoeg om stil van te worden.
In het tweede deel volgen acht anderen, van een bevrijde slaaf die bisschop werd tot een evangelist uit Argentinië.
Hierna zag ik en zie, een grote menigte, die niemand tellen kon, uit alle naties, stammen, volken en talen. (Openbaring 7:9)