Woordenlijst

Moeilijke woorden, makkelijk gemaakt

Wat is een navelstreng? En wat doet de placenta? Hier lees je het.

Baarmoeder
De plek in de buik van de moeder waar de baby groeit. Hij kan meegroeien tot de baby groot genoeg is.
Bevruchting
Het moment dat een eicel en een zaadcel samenkomen. Dan begint een nieuw mens.
Cel
Het kleinste bouwsteentje van je lichaam. Jij bestaat uit duizenden miljarden cellen, maar je begon als één.
DNA
Het bouwplan in elke cel. Het bepaalt bijvoorbeeld de kleur van je ogen en je haar.
Echo
Een foto van de baby in de buik, gemaakt met geluidsgolven die je niet kunt horen.
Eicel
Een cel van de moeder. Samen met een zaadcel kan daaruit een kindje groeien.
Ongeboren kind
Een kindje dat nog in de buik van zijn moeder groeit, vanaf de allereerste cel tot de geboorte.
Huidsmeer
Een witte, vettige laag die de huid van de baby beschermt tegen het water.
Navelstreng
Het snoer tussen de baby en de placenta. Daardoor krijgt de baby eten en zuurstof.
Placenta
Een orgaan dat met het kindje meegroeit. Het haalt voeding en zuurstof uit het bloed van de moeder.
Uitgerekende datum
De dag waarop de baby ongeveer geboren zou worden: 40 weken na het begin van de telling.
Verloskundige
Iemand die moeder en baby helpt tijdens de zwangerschap en de geboorte.
Vruchtwater
Het warme water rondom de baby. Het beschermt tegen stoten en de baby kan erin bewegen.
Zaadcel
Een cel van de vader. Samen met een eicel kan daaruit een kindje groeien.
Zwangerschap
De tijd dat een moeder een baby in haar buik draagt. Meestal ongeveer 40 weken.